Archief

Archief voor de ‘wetenschap – randwetenschap’ Categorie

HET OERAL MYSTERIE

november 20, 2009 2 reacties

De feiten.

Op 2 februari 1959 vond in de voormalige Sovjet Unie in het Oeralgebergte een vreemde, raadselachtige moord plaats. Tien goedgetrainde bergbeklimmers uit Sverdlovsk (Yekaterinenburg) begonnen onder de leiding van Igor Dyatlov aan een beklimming van de berg Otorten. Negen van hen kwamen onder zeer ongewone en mysterieuse omstandigheden om. Hun tent was ijlings verlaten en hun lichamen werden op verschillende plaatsen in de buurt gevonden. De lichamen hadden allen een onnatuurlijke oranje kleur en op hun kleding werden verhoogde stralingsniveaus gemeten. Na vruchteloos onderzoek schreef de politie hun doodsoorzaak toe aan de “onoverwinnelijke natuurkrachten”.

Op dinsdag 19 februari 2008 verscheen er in “The St Petersburg Times” een artikel in het Engels, geschreven door reporter en stafmedewerkster van deze krant Svetlana Osadchuk, met als titel “Mysterieuse dood van 9 skiërs nog steeds onopgelost”. In dit artikel wordt uitgebreid ingegaan op vele aspecten van deze mysterieuse affaire. Hier volgt een zo nauwkeurig mogelijke vertaling van dit artikel met aansluitend enkele peilingen naar de mogelijke oorzaken. Onderaan op de foto vier van de tien deelnemers aan deze expeditie, van links naar rechts : Ludmila Dublinina, Rustem Slobodin, Alexander Zolotaryov en Zina Kolmogorova en verder een foto van Igor Dyatlov.

“Top secret” aangelegenheid.

Negen ervaren cross-country skiërs verlieten in alle haast hun tent die was opgesteld op een helling van het Oeral gebergte. Dit gebeurde in het midden van de nacht terwijl ze eveneens hun ski’s, voedsel en warme jassen achterlieten. In hun nachtkleding maakten deze jongelui zich hals over kop uit de voeten en renden ze de besneeuwde helling af in de richting van een dicht bebost gebied. Het was min 30 graden Celcius en geen enkele van hen zou deze bittere temperatuur overleven. Experten die deze zaak onderzochten waren verbijsterd en oordeelden dat de groep door een “onbekende en onweerstaanbare kracht” om het leven kwam. Het onderzoek werd abrupt afgesloten en het dossier als “top secret” geklasseerd. Deze gebeurtenis die 50 jaar geleden plaatsvond blijft een van de grootste mysteries van de Oeral. Onderaan een kaartje van de Oeral in Rusland.

Ural

Begin 1990 werden de gegevens in verband met dit incident vrijgegeven, maar vrienden van diegenen die stierven zoeken nog steeds naar antwoorden. Bij Yury Yudin de enige die deze expeditie overleefde brandt er nog steeds één vraag op zijn lippen : “wat gebeurde er die nacht echt met mijn vrienden ?”

Yudin, samen met negen andere studenten van het “Ural Polytechnic Institute”, begonnen op 28 januari 1959 met deze skiloop expeditie naar het Otorten gebergte in het noorden van de Oeral. Nabij Vizhai, de laatste nederzetting aan de voet van het gebergte, werd Yudin ziek en bleef daar achter. Onderaan een foto van Yury Yudin uit die tijd en verder een afscheidnemende Yuri Yudin terwijl hij L. Dublinina omhelst en Igor Dyatlov toekijkt.

Wat er met de negen andere expeditieledengebeurde werd gereconstrueerd aan de hand van hun dagboeken en fotografisch materiaal. Als documentatie voor het schrijven van dit artikel werden kopies van de dagboeken, foto’s en archieven geraadpleegd.  Op 2 februari zetten de skiërs aangevoerd door Igor Dyatlov, 23, als schuilplaats voor de nacht, hun kamp op langs de helling van de Kholat-Syakhl, een berg nabij de Otorten. Volgens onderzoekers werden hun tenten rond 5:00 pm opgesteld afgaand op foto’s van ontwikkelde filmrolletjes die ze in hun achtergelaten bagage terugvonden. Zie hieronder een foto ontwikkeld van een gevonden filmrolletje. De foto toont de opzet van het kamp op 2 februari 1959 rond 5 uur in de namiddag.

camp 5 pm

Het is niet duidelijk waarom de negen skiërs deze plaats uitzochten. Ze hadden makkelijk de berg kunnen afdalen naar een bebost gebied waar ze beschut zouden zijn voor de extreme weersomstandigheden. Een omweg van ongeveer 1,5 km. Yuri Yudin, die hierover werd geraadpleegd, denkt dat naar alle waarschijnlijkheid Dyatlov niets van de afgelegde afstand wilde prijsgeven of hij wou het kamperen op een berghelling eens uitproberen. Op het moment dat de groep het instituut verliet en aan de expeditie begon, had Dyatlov beloofd een telegram te sturen van zodra ze terug in Vizhai arriveerden na hun skitocht. Hij dacht dat dit rond 12 februari zou zijn. Maar volgens Yudin vertelde Dyatlov hem dat de groep zeer waarschijnlijk enkele dagen later zou terugkeren dan oorspronkelijk gepland. Daarom was er niemand bezorgd wanneer de groep op 12 februari niet opdook.

Op 20 februari echter werd er door de familieleden aan de alarmbel getrokken en werd er door leraren en studenten van het instituut een zoektocht op touw gezet. De politie en het leger zouden enige tijd later met vliegtuigen en helicopters in aktie komen.

Een raadsel.

Een reddingsteam van vrijwilligers vond het verlaten kamp op 26 februari. “We ontdekten dat de tent half opengereten was en bedekt met sneeuw. De tent was leeg en al hun spullen, de schoenen inbegrepen, waren achtergelaten” vertelde Mikhail Sharavin de student die de tent ontdekte. Zie foto onderaan.

Volgens onderzoekers werd de tent langs binnen opengescheurd en ze vonden voetafdrukken van acht of negen mensen in de metersdikke sneeuw. Men kwam tot de vaststelling dat het voetafdrukken waren van mensen die alleen sokken droegen, één enkele schoen of blootvoets waren. De voetafdrukken van de groep werden door onderzoekers nauwkeurig onderzocht en ze konden geen bewijsmateriaal vinden dat er een gevecht zou hebben plaatsgevonden of dat buitenstaanders de tent waren binnengedrongen. De voetafdrukken, die langs de helling naar beneden liepen naar het bos toe, hielden na 500 meter plots op. Sharavin vond de eerste twee lichamen aan de rand van het bos, onder een geweldig hoge spar. De twee slachtoffers Georgy Krivonishenko, 24 en Yury Doroshenko, 21 waren blootvoets en hadden alleen maar hun ondergoed aan. In de nabijheid lagen verkoolde resten van een vuurtje. Volgens Sharavin waren de takken van de spar afgebroken tot op een hoogte van ongev. 5 meter, hetgeen veronderstelde dat een skiër in de boom was geklommen om naar iets uit te kijken, misschien het kamp. Er lagen ook gebroken takken verspreid in de sneeuw. De volgende drie lichamen, Igor Dyatlov, Zina Kolmogorova, 22 en Rustem Slobodin, 23 werden tussen de boom en het kamp gevonden. Alles wees er op dat deze drie een poging hadden ondernomen om naar het kamp terug te keren. De authoriteiten openden onmiddellijk een gerechtelijk onderzoek, maar de lijkschouwingen konden niet aantonen dat er boos opzet in het spel was. Dokters bevestigden dat deze vijf aan hypothermia (onderkoeling) waren gestorven. Slobodin had een schedelbreuk maar deze kwetsuur zou niet de doodsoorzaak geweest zijn.

Het duurde twee maanden vooralleer de overige vier skiërs werden teruggevonden. Hun lichamen werden in een ravijn gevonden, 75 meter van de spar verwijderd en bedekt met wel vier meter sneeuw. Deze vier slachtoffers, Nicolas Thibeaux-Brignollel, 24 – Ludmila Dublinina, 21 – Alexander Zolotaryov, 37 en Alexander Kolevatov, 25 schenen een traumatische dood te hebben gevonden. Thibeaux-Brignollel’s schedel was verbrijzeld en Dublinina en Zolotaryov hadden verschillende gebroken ribben. Dublinina had geen tong meer. De lichamen vertoonden echter geen uitwendige kwetsuren. Deze vier waren beter gekleed dan de anderen, en diegenen die eerst gestorven waren hadden klaarblijkelijk hun kleren afgestaan aan de anderen. Zolotaryov droeg Dublinina’s jas en muts in namaak bont, terwijl Dublinina’s voet in een deel van Krivonishenko’s wollen broek gewikkeld was. Heel het gebeuren werd nog raadselachtiger toen bleek dat na onderzoek hun kleding gecontamineerd was met een hoog stralingsniveau. Na enkele maanden echter werd het onderzoek afgesloten en de onderzoekers kwamen tot de conclusie dat er geen misdadig opzet in het spel was. Het dossier werd in een geheim archief opgeborgen. Skiërs en andere avonturiers werden voor een periode van drie jaar uit dit gebied geweerd.

“Ik was toen 12 jaar maar kan me de geweldige weerklank, die dit incident bij de bevolking teweeg bracht, goed herinneren. Dit niettegenstaande de pogingen van de authoriteiten om bij verwanten en onderzoekers, de zaak stil te houden” zegt Yury Kuntsevich, hoofd van de in Yekaterinenburg gevestigde Dyatlov Stichting die nog steeds proberen dit mysterie te ontrafelen. Het feit dat het lokale MANSI volk de negen skiërs zouden hebben gedood als wraak omdat ze hun gebied waren binnengedrongen was voor de onderzoekers een voor de hand liggende theorie. Er werden echter geen bewijzen gevonden om deze theorie te ondersteunen. Noch Otorten, noch Kholat-Syakhl werden door de Mansi beschouwd als heilig of plaatsen die taboe waren voor vreemdelingen. Deze theorie werd verder ontzenuwd door een dokter die in 1959 de lichamen onderzocht heeft. Hij bevestigde dat de kwetsuren met zo’n geweldige kracht waren toegebracht, dat dit niet het werk van een individu kon geweest zijn, ook was er bij de slachtoffers geen zacht weefsel beschadigd. Uit de dossiers bleek ook dat volgens deze dokter de aangewende kracht kon vergeleken worden met de gevolgen van een auto-ongeval.

Heldere vliegende bollen.

In het jaar 1990 bevestigde hoofdonderzoeker Lev Ivanov dat hem door regionale authoriteiten werd opgedragen de zaak af te sluiten en alle gegevens als geheim te klasseren. Hij zei dat de authoriteiten bezorgd waren door rapporten van verschillende ooggetuigen, inclusief het meteorologisch instituut en het leger, dat in februari en maart 1959 in dit gebied “heldere vliegende bollen” werden waargenomen. Ivanov bevestigde ook dat hij toen vermoedde en er nu bijna zeker van was dat deze heldere vliegende bollen een direct verband hadden met de dood van deze groep studenten. De in 1990 vrijgegeven dossiers bevatten de getuigenis van de leider van een groep avonturiers die toen diezelfde nacht in dit gebied 50 km meer zuidwaards kampeerden. Hij beweerde dat zijn groep vreemde oranje bollen waarnam die door de nachtelijke hemel vlogen in de richting van Kholat-Syakhl. Onderzoeker Ivanov achtte het niet onmogelijk dat in de loop van de nacht één skiër dit vreemde luchtfenomeen had opgemerkt, zijn tent verlaten had en met zijn geroep de anderen had gewekt. Het zou kunnen dat toen ze in de richting van het bos wegvluchtten er een bol ontplofte, en op die manier de dood veroorzaakte van de vier met ernstige verwondingen en ook Slobodin’s schedel verpletterde.

Ook Yury Yudin, de overlevende, vermoedt dat een explosie zijn vrienden gedood heeft. Hij zei dat de geheimdoenerij die rond het incident hing suggereert dat de groep onbewust een militair testgebied moet zijn binnengedrongen. Het stralingsniveau aangetroffen op de kleding ondersteunt deze theorie. In verband met de doodsoorzaak van deze groep was er volgens Yuri Kuntsevich, hoofd van de Dyatlov Stichting, nog een ander raadselachtig element m.a.w. de aangezichten van de eerste vijf lichamen waren op onverklaarbare wijze gebruind.

“Ik heb de begrafenis bijgewoond van de eerste vijf slachtoffers en herinner mij dat hun aangezichten eruitzagen alsof ze diep gebruind waren” zei Kuntsevich. Yury Yudin zei ook dat er in de vrijgegeven documenten geen enkele aanwijzing stond in verband met de toestand van hun inwendige organen. “Ik weet dat ze voor nader onderzoek in speciale containers werden gestopt” zei Yudin. Er werden echter geen aanwijzigingen gevonden dat er zich nabij Kholat-Syakhl een explosie zou hebben voorgedaan.

Geen spoor van kruisraketten.

Volgens Alexander Zeleznyakov, expert op het gebied van Soviet raketten en officieel functionaris van het Ruimteagentschap Energia, zou een kruisraket gelanceerd vanuit de Baikonur Cosmodroom in Kazakstan het noorden van de Oeral hebben kunnen bereiken, maar er zijn geen aanwijzigingen gevonden dat er destijds een lancering plaatsvond. Een ander lanceerplatform in de voormalige Soviet Unie, Plesetsk, werd pas einde 1959 in gebruik genomen. Zeleznyakov zei ook dat er destijds geen projectielen van andere platformen hadden kunnen worden afgevuurd omdat die toen nog niet bestonden. Het Ministerie van Defensie en het in Yekaterinenburg gevestigde regionale Ministerie van Justitie bezaten hierover ook geen verdere aanwijzigingen gezien de ouderdom van deze zaak.

Yury Kuntsevich bevestigt dat hij met een team recentelijk dit gebied nog had bezocht en er een schroothoop aantrof die er op wees dat in het verleden het leger daar experimenten had uitgevoerd. “We kunnen niet zeggen wat voor soort militaire technologie daar werd getest maar de katastrofe in 1959 werd door mensen veroorzaakt” zei hij. Volgens Yury Yudin zou het kunnen dat het leger het kamp eerst had gevonden vooraleer het reddingsteam het ontdekte. Onderzoekers hebben Yudin dan gevraagd of hij, voor ieder voorwerp gevonden op de site, de eigenaar kon identificeren. Maar hij kon ze niet allemaal thuisbrengen, o.a. een stuk geweven stof waarschijnlijk afkomstig van een legerjas, een bril, een paar ski’s en een onderdeel van een ski, konden door hem niet geïdentificeerd worden. Yudin beweert ook dat hij documenten hed gezien die erop wezen dat reeds op 6 februari een gerechtelijk onderzoek werd opgestart dus 14 dagen vóór het reddingsteam het kamp bereikte.

Dyatlov’s vrienden hebben ook de mogelijkheid onderzocht of dit incident niet kon veroorzaakt zijn door een sneeuwlawine. Een kamp opzetten op een berghelling zou de bovenste sneeuwlaag misschien hebben verstoord, zodanig dat dit enkele uren later een lawine veroorzaakte. Dit zou dan de opengereten tent verklaren die de skiërs dan van binnenuit moeten hebben opengesneden om uit de tent te geraken. Maar deze theorie klopt ook niet helemaal omdat de skiërs te voet het kamp verlieten en meer dan een kilometer gelopen hebben in een temperatuur van minus 30 Celcius. Thibeaux-Brignollel moet minstens buiten westen geweest zijn omwille van zijn verbrijzelde schedel zei Mikhail Kornev, een dokter verbonden aan de militaire academie. Maar zijn vrienden zouden hem ook kunnen gedragen hebben omdat onderzoekers niet juist konden uitmaken of er zich acht of negen paar voetafdrukken in de sneeuw bevonden. Volgens Kornev was het best mogelijk dat ook Dublinina en Zolotarev nog hadden kunnen rondlopen met hun gebroken ribben omdat de situatie zo extreem was.

Recentelijk kwamen zes voormalige redders en 31 onafhankelijke experten in Yekaterinenburg bijeen in een poging dit mysterie te ontrafelen. Zij kwamen tot het besluit dat het leger in dit gebied geheime testen had uitgevoerd en op die manier onvrijwillig de dood van de skiërs hadden veroorzaakt. Maar volgens de deelnemers aan deze vergadering ontbraken hierover nog veel gegevens en ten einde dit incident volledig in beeld te krijgen is het noodzakelijk zowel het Ministerie van Defensie, het ruimteagentschap en de FSB hierover te consulteren. (de FSB is de huidige Russische staatsveiligheid en de opvolger van de KGB) Deze conferentie werd georganiseerd door de “Ural State Technical University”, de Dyatlov Stichting en verschillende niet-gouvernementele organisaties.

Wat er met deze groep echt gebeurd is op 2 februari 1959 zal misschien voor altijd wel een raadsel blijven. Het gebied waar de groep het laatst hun kamp hebben opgezet zal nu officieel “Dyatlov pas” heten. Tot daar het artikel gepubliceerd in “The St Petersburg Times”.

De mogelijke oorzaken.

Het Mansi volk.

Zoals reeds eerder vermeld in het artikel werd door onderzoekers gesuggereerd dat het lokale MANSI volk de groep zouden hebben gedood als wraak omdat ze hun grondgebied waren binnengedrongen. Dit is zeer onwaarschijnlijk omdat de inwendige kwetsuren bij sommige skiërs door een zogenaamde “onbekende en onweerstaanbare kracht” werden veroorzaakt en niet door een of meerdere individuen. De inheemse bevolking van de Oeral vertegenwoordigt maar 1/5 van de totale bevolking in dit gebied en er komt nog bij dat specifiek de Mansi’s met uitsterven bedreigd zijn. Er zouden er nog maar een kleine 200 overblijven woonachtig in geïsoleerde dorpen in de wouden. Onderaan een foto van zo’n nederzetting.

De sneeuwlawine theorie.

Kamperen op een berghelling zoals dit het geval was bij de negen skiërs betekent een reeël gevaar voor lawines. Op hellingen steiler dan 15 graden bestaat er gevaar voor lawine’s en de helling juist boven de kampeerplaats bedroeg 22 tot 23 graden en 50 tot 100 meter hoger bedroeg de helling zelfs 25 tot 30 graden. Deze theorie is echter problematisch omwille van volgende argumentatie :

a) de skiërs verlieten te voet het kamp en hebben nog meer dan 1 km gelopen – b) het hoge stralingsniveau dat op de kleding werd aangetroffen en de staat waarin de lichamen verkeerden spreken dit tegen.

De Almas.

In de bergachtige gebieden in Rusland waaronder de Oeral regio worden er geregeld waarnemingen gedaan van met pels bedekte creaturen die kunnen vergeleken worden met de Tibetaanse Yeti en de Noord-Amerikaanse Bigfoot, maar er ligt geen wetenschappelijk bewijs voor van hun bestaan. De Russische media publiceren geregeld deze verhalen. De mogelijkheid bestaat dat deze creaturen (indien ze bestaan) de groep skiërs zouden hebben aangevallen om welke reden dan ook. Deze wezens worden in de Kaukasus, het Pamir gebergte en de Oeral, de Almasti of ook de Almas genoemd. Almas is het Mongoolse woord voor “wilde man”. Er zijn af en toe rapporten over Almas die boerderijen aanvallen op zoek naar voedsel maar over het algemeen worden ze getolereerd en meer beklaagd dan gevreesd. Ze zijn meestal tussen de 1,50 en 1,80 meter groot, zien er menselijk uit maar ook een beetje op apen gelijkend. De Almasti kunnen met de Yeti vergeleken worden maar hebben kortere armen, minder haar (pels) op aangezicht en lichaam dan andere humanoiden. Ze worden verondersteld van bessen te leven en soms vallen ze schapen aan maar zouden alleen maar hun lever eten. Ze kunnen heel moeilijk worden waargenomen en worden ook nooit ergens dood aangetroffen. Sommigen hebben geprobeerd deze creaturen neer te schieten maar naar verluidt sterven deze jagers later onder mysterieuse omstandigheden. Onderaan een artistieke voorstelling van een Almasti of Alma.

 

Russische wetenschappers speculeren dat deze humanoiden een overlevende soort is van de eerste Paleo-Asiatische bewoners van Siberië. Volgens Marina Popovitsj, auteur van het boek “Het Sovjet Dossier UFO” houdt deze sneeuwmens de Russische onderzoekers al heel lang bezig. Er werden door de Academie van Wetenschappen van de voormalige Sovjet Unie verschillende expedities uitgezonden om meer te weten te komen over dit mysterieuse wezen. Tijdens deze expedities werd veelal vastgesteld dat de Almasti in die bepaalde streken opdook waar er relatief veel Ufo’s werden waargenomen. Heeft de combinatie UFO-Almasti iets met de dood van onze negen skiërs te maken ? Een vraag die we voorlopig niet kunnen beantwoorden.

Nucleaire ramp.

Het Dyatlov pas incident gebeurde in een periode van de koude oorlog en het ijzeren gordijn. Journalisten die iets over deze zaak publiceerden werden zwaar gecensureerd en onderzoekers konden geen dossiers raadplegen omdat ze gewoon verdwenen waren of als geheim opgeborgen. De mogelijkheid van nucleaire testen of opslag van nucleair afval in dit gebied door de voormalige Sovjet Unie werd  in het artikel reeds vermeld. Ook hierover onbreken documenten en dossiers omdat ze nooit werden vrijgegeven. Volgens Dr. Zhores A. Medvedev is deze theorie best haalbaar en hij verdedigde deze stelling in een artikel in “New Scientist” in 1976.

Reeds in 1958 werd er door de voormalige Sovjet Unie regelmatig nucleair afval in metalen 55 gallon vaten gedumpt in relatief ondiepe kuilen in het Oeralgebergte. De vaten met radioactief afval werden met vrachtwagens tot in de kuilen gebracht en dan werden ze door bulldozers met aarde gevuld. Dit was reeds enkele jaren aan de gang maar roestvorming op de vaten veroorzaakte lekkage. Volgens Medvedev vond er in 1958 in het Oeralgebergte als gevolg daarvan een geweldige en niet voorziene nucleaire explosie plaats die hij vergeleek met een vulkaanuitbarsting. De ontstane radioactieve wolk verspreidde zich over honderden kilometers en duizenden mensen werden besmet. Dit werd vrijwel onmiddellijk door de nucleaire industrie en ook sommige politici in het Westen ontkend. Ze beweerden dat er geen gevaar bestond en dat Medvedev het niet bij het juiste eind had. Maar hij repliceerde hierop met het schrijven van een boek over dit incident met als titel “Nucleaire Ramp in de Oeral” gepubliceerd in 1979.

Dit zou wel eens de oorzaak kunnen geweest zijn van het verhoogde stralingsniveau op de kleding van de groep skiërs omdat de bodem daar toen heel waarschijnlijk nog zwaar gecontamineerd was. Ook het verbod om dit gebied nog te betreden gedurende een periode van drie jaar wijst in die richting.

De M-Zone.

In februari en maart van 1959 werden er  mysterieuse heldere en oranje bollen waargenomen in het gebied waar de skiërs toen vertoefden en die volgens getuigen in de richting van de Dyatlov pas vlogen. Sommige onderzoekers beweren dat deze Ufo’s iets te maken hadden met de dood van deze jongelui en dit was ook de mening van hoofdonderzoeker Lev Ivanov. De M-zone of de zogeheten Mysterie-zone werd in 1989 ontdekt en is gesitueerd in de Russische Oeral regio nabij het dorp Molebka en heeft een omtrek van ongeveer 70 vierkante kilometer. Onderaan een kaartje van deze M-zone.

Pas aan het einde van de jaren ’80 werd men zich buiten Rusland bewust van het bestaan van deze zone en de geheimzinnige zaken die er voorvallen. Zelfs vele Russen hadden er geen weet van. In deze zone zouden o.m. veel Ufo’s zijn gesignaleerd en nabije ontmoetingen met buitenaardsen hebben plaatsgehad. Na het uiteenvallen van de Sovjet Unie in 1989 ondernamen ufologen diverse expedities naar de zone. Een van de onderzoekers Valeri Jakimov, woonachtig in dit gebied, deed tijdens zijn eerste expeditie naar deze zone in 1989 opmerkelijke waarnemingen in de lucht waaronder : kleine witte en oranje bollen op betrekkelijk geringe afstand van elkaar. Hij zag zelfs een witte lichtstraal uit de bollen schieten.

De geoloog A. Batoerin beweert echter dat deze heldere en gloeiende bollen van geologische aard zijn. Bij actieve breuken in de aardkorst komen vaak dergelijke verschijnselen voor : bollen, zuilen en stralen die voor Ufo’s worden aanzien. Onderaan enkele foto’s genomen in deze zone.

 

 

 

Lezers die meer informatie wensen over deze mysterieuse zone kunnen deze interessante website bezoeken : http://phantomsandmonsters.wetpaint.com/page/M-zone%2C+M-triangle+-+Russia

Conclusie.

De tien deelnemers aan deze skitocht die nu het “Dyatlov pas” incident genoemd wordt waren afkomstig uit SVERDLOVSK (Yekaterinenburg regio) en deze plaats ligt eigenaardig genoeg midden in deze M-zone (zie kaartje). Deze zone werd pas in 1989 ontdekt maar het is opmerkelijk dat in 1959 het jaar waarin de expeditie naar de berg Otorten plaatsvond er in deze regio reeds heldere vliegende bollen werden waargenomen. Dit is 30 jaar eerder en, alhoewel de “Dyatlov pas” in het noordelijk gedeelte van de Oeral ligt en de M-zone in de centrale Oeral, manifesteerden deze luchtfenomenen zich toen ook in de noordelijke Oeral.

Of ze nu van geologische of exotische oorsprong waren, het ziet er naar uit dat de dood van de negen skiërs toch iets te maken had met deze vreemde luchtfenomenen. En als het verhaal van de nucleaire explosie, gesuggereerd door Medvedev, klopt moeten we ook hier een verband zoeken met hun nucleaire contaminatie. De juiste toedracht zullen we heel waarschijnlijk nooit te weten komen.

Bronnen :

Literatuur : “Het Sovjet Dossier UFO” Marina Popovitsj

                     “De Sovjet UFO Dossiers” Paul Stonehill

Websites :

www.sptimes.ru

www.ufo.ural.ru

www.bigfootencounters.com

http://mysterious-places.suite101.com

http://freeinternetpress.com

www.cryptids.net

 

 

 

MYSTERIEUSE ARTEFACTEN

Men noemt ze ook “OOP Art” afgeleid van het acroniem Out-Of-Place Artefact, een term bedacht door de Amerikaanse zoöloog Ivan T. Sanderson m.a.w. een historisch, archeologisch en paleontologisch object gevonden op een zeer ongewone of zelfs onmogelijke locatie. Het zijn onmogelijke fossielen, buiten-de-tijd archeologie, anachronistische artefacten, en indien we van de veronderstelling uitgaan dat onze wereldgeschiedenis correct is, zouden ze in feite niet mogen bestaan. Het algemeen publiek is met het begrip OOP Art niet vertrouwd en het is zelfs voor de meesten totaal onbekend. Het zijn als het ware objecten en artefacten die gevonden worden op een verkeerde locatie en volledig buiten de tijd vallen. Een extreem voorbeeld zou kunnen zijn : veronderstel dat je in de Egyptische Vallei van de Koningen een verzegeld graf openbreekt en daarin een gsm of mobieltje terugvind, dan zou je een OOP Art hebben gevonden. Eigenaardig genoeg blijven deze artefacten geregeld opduiken, in feite zoveel dat de orthodoxe wetenschap niet langer de moeite neemt ze te begrijpen en ze gewoon negeert. Er bestaan veel voorbeelden van vreemde artefacten, veel meer dan de meeste geologen, archeologen en andere wetenschappers durven toegeven.

Waarom zijn ze zo fascinerend ? In eerste instantie zijn de meeste van deze objecten echt en tastbaar. In tegenstelling tot geesten, mysterieuse creaturen zoals Bigfoot, het Loch Ness monster en andere paranormale fenomenen zijn deze onverklaarbare artefacten heel reëel, ze werden ontdekt, aangeraakt en onderzocht. We kunnen er niet naast kijken en ze blijven onverklaarbaar voor de huidige wetenschap. Ze nemen als het ware een loopje met de normale wetenschappelijke tijdlijn of nog anders uitgedrukt, de geologische en antropologische chronologie. Het is verbijsterend te moeten vaststellen dat ofwel onze dateringstechnieken fout zijn m.a.w. de geologie lijkt niet te zijn wat we er ons van hebben voorgesteld, ofwel dat onze  algemeen geldende opvattingen en kennis over de geschiedenis van het leven op deze planeet, niet helemaal kloppen. Het is in ieder geval zo dat deze vervelende artefacten het rationele en orthodoxe denken overhoop halen.

Volgens de fundamentalistische interpretatie van het Oude Testament in de Bijbel zou de mensheid slechts enkele duizenden jaren oud zijn terwijl de wetenschap ons vertelt dat dit louter fictie is en dat de mens enkele miljoenen jaren, en de menselijke beschaving enkele tienduizenden jaren oud zijn. Zou het kunnen dat de conventionele wetenschap even fout zit als de verhalen in de Bijbel ? Niet volgens de zogenaamde “creationisten” die met de vondst en het bestaan van deze objecten de evolutietheorie willen weerleggen en hiermee de juistheid van de pre-historische Bijbelverhalen willen aantonen. Aanzienlijk archeologisch bewijsmateriaal zou er echter op wijzen dat de geschiedenis van het leven op aarde gevoelig afwijkt van wat de huidige geologische en antropologische teksten ons vertellen.

Er zijn echter enkele andere hypothesen die het bestaan van de OOP Art zouden kunnen ondersteunen en die de algemeen geldende kijk op de  evolutietheorie en de geschiedenis van de mensheid in vraag stellen. Zou het kunnen dat enerzijds, de menselijke beschaving werd opgestart door “aliens” van buiten de aarde, of anderzijds dat er in een ver verleden op deze planeet een hoogtechnologische beschaving bestond die deze artefacten hebben achtergelaten ? Uiteraard zien ook veel geologen, archeologen en wetenschappers OOP Art als het resultaat van verkeerde interpretaties of doorgedreven fantasie, of hebben de aanhangers van OOP Art gelijk die beweren dat wetenschappers door hun halstarrige en ignorante houding enorm veel kennis over het hoofd zien.

In het gunstigste geval zijn het verkeerd gedateerde of kundig vervalste objecten die met opzet ergens zijn geplant om verwarring te creëren, maar in het ergste geval zijn ze het bewijs voor een foutieve geschiedkundige theorie. Mede om die laatste reden worden deze objecten vaak door de gevestigde wetenschap genegeerd. Het compleet op zijn kop moeten zetten van geschiedkundige theorieën zal voor veel wetenschappers kopzorgen geven omdat ze hun carrières voor een groot deel bouwen op bepaalde algemeen geaccepteerde wetenschappelijke dogmas. Het plotseling moeten verwerpen van een theorie die al decennialang overeind staat, zou voor veel uitgevers, bibliotheken, wetenschappers, leerstoelen, faculteiten en reputaties een regelrechte nachtmerrie betekenen.

Laten we nu een drietal hypothesen onder de loupe nemen die deze vreemde vondsten zouden kunnen verklaren.

Verdwenen beschavingen.

Indien we ervan zouden uitgaan dat de menselijke geschiedenis een gigantisch museum is dat alle kennis over dit specifieke onderwerp bevat, dan zouden we tot de ontdekking komen dat er in dit museum verschillende kamers gesloten blijven. Feiten die contradictorisch staan ten opzichte van algemeen aanvaarde opvattingen i.v.m. de menselijke geschiedenis worden door de wetenschappers opzij geschoven. De auteurs en onderzoekers Michael A. Cremo en Richard L. Thompson hebben echter veel van deze deuren geopend en zowel leken als ingewijden de mogelijkheid gegeven binnenin een kijkje te nemen. Linksonder een foto van Cremo en rechts een foto van Thompson.

M. CremoRichard L . Thompson

Cremo en Thompson hebben het lef en de moed gehad om over deze vreemde archeologische vondsten te schrijven en in 1993 zag hun lijvige boek “Forbidden Archeology – the hidden history of the human race” van meer dan 900 bladzijden, het levenslicht. Cremo en zijn team hadden jarenlang research gedaan in de kelders van musea en universiteiten op zoek naar “vervelende vondsten”. In dit dikke boek vind je ze bijna allemaal terug : vondsten uit de oudheid die het hele beeld van de menselijke evolutie overhoop halen. Het is een uitgebreid en uitputtend overzicht geworden van allerlei vondsten uit de oudheid die nog nooit zijn verklaard. De beide onderzoekers baseren zich op, en verklaren deze vondsten, vanuit oude Hindoeïstische Veda’s.

Veda’s zijn de oudste religieuze geschriften ter wereld. Er staan geen wetten of regels in, maar hoofdzakelijk zaken m.b.t. God. Tevens worden zaken als filosofie, astrologie, wiskunde, geneeskunde, het universum, de natuur en de juiste levenswijze vermeld. De Veda’s zijn onststaan tussen 1500 en 500 voor Christus. Als we deze Veda’s mogen geloven bestaan de aarde zowel als de mens al miljoenen jaren en vormen ze een aaneenschakeling van opkomsten en ondergangen van beschavingen. Op die manier zou het dus kunnen dat we “moderne” artefacten vinden in aardlagen die zeer oud zijn. De publicatie van dit boek lokte furieuze discussies uit in de wetenschappelijke hoek, en de auteurs werden van pseudowetenschappen beticht. De schrijvers vielen de stoffige academici hiermee op eigen gebied aan en gooiden als het ware de knuppel in het hoenderhok, zodanig dat veel aanhangers van Darwin’s evolutie theorie op hun achterste poten stonden. Cremo blijft echter publiceren en probeert nauwkeurig in te gaan op de aanvallende argumentatie van zijn tegenstrevers. De discussies zijn nog steeds niet verstomd maar Cremo wordt nu in veel wetenschappelijke kringen wel degelijk au sérieux genomen. Recentelijk is Cremo’s nieuwste boek verschenen “Human devolution” waarin hij een alternatief schetst voor de evolutie theorie van Darwin. Deze korte uiteenzetting baseert zich vooral op de visie van Cremo en Thompson als zouden deze vreemde artefacten hun oorsprong vinden in oeroude en verdwenen beschavingen. Onderaan een bladzijde uit één van de vier Veda’s.

bladzijde uit een van de 4 veda's

Een andere opvatting en mogelijke verklaring voor deze opmerkelijke vondsten zou echter ook de in het Engels genaamde Ancient astronaut of Paleo contact hypothese kunnen zijn. Dit zou in grote lijnen neerkomen op de veronderstelling dat intelligente buitenaardse wezens, ook oude astronauten of aliens genaamd, de aarde hebben bezocht en dat deze contacten aan de oorsprong liggen, of de ontwikkeling hebben bewerkstelligd, van de menselijke culturen, technologieën en/of de religies. Enkele van deze theorieën wekken de suggestie op dat de godheden van de meeste – indien niet alle – religies eigenlijk buitenaardsen zijn en dat hun technologieën worden aanzien als bewijs van hun goddelijke status. Deze theorieën hebben in wetenschappelijke kringen nooit op veel bijval mogen rekenen en er werd weinig of geen aandacht aan besteed in wetenschappelijke studies. Deze ideeën werden gepopulariseerd, vooral in de laatste helft van de 20e eeuw, door schrijvers zoals :

Erich von Däniken – Zecharia Sitchin en Robert K.G. Temple.

De aanhangers van deze theorieën beweren dat mensen nakomelingen of zelfs creaties zouden zijn van buitenaardse wezens die duizenden jaren geleden op aarde geland zijn. Dit zou dan impliceren dat veel van onze kennis, religies en cultuur van deze buitenaardse bezoekers afkomstig zou zijn  die dan als een soort “moedercultuur” zou gefungeerd hebben. Voorstanders van deze theorieën beweren dat de vreemde archeologische artefacten die samen met bepaalde kunstvormen en legenden op aarde worden aangetroffen anachronistisch zijn, of in andere woorden, ze gaan de vermeende technische capaciteiten van de historische culturen met dewelke ze worden geassocieerd, ver te boven. Op die manier worden deze voorwerpen en kunstvormen dan geïnterpreteerd als zijnde het resultaat van buitenaardse contacten en technologie. De wetenschappelijke wereld staat over het algemeen sceptisch tegenover zulke ideeën en acht het niet noodzakelijk deze theorieën aan te wenden om de leemten in de geschiedenis van de oudheidkunde te verklaren.

Zoals reeds eerder aangehaald zijn er een drietal proponenten van deze theorieën. Wat is hun stelling en waarop is ze gebaseerd ?

Erich von Däniken

erich-von-daniken

von Däniken verwierf een grote bekendheid na de publicatie  van zijn boek in 1968 “Chariots of the Gods” in het Nederlands uitgebracht onder de titel “Waren de Goden kosmonauten ?” . von Däniken beweert dat om bepaalde artefacten en monumentale constructies zoals o.a. : Stonehenge, de Moai standbeelden op het Paaseiland en de oude Baghdad accu op te richten of te vervaardigen er een veel meer geraffineerde technologie nodig moest zijn geweest dan diegene die beschikbaar was bij deze oude culturen. von Däniken blijft de stelling verdedigen dat bepaalde artefacten en constructies vervaardigd of opgericht werden door de buitenaardse bezoekers zelf, ofwel door aardbewoners die de nodige wetenschap en technieken overnamen van deze bezoekers. Hij beweert dat in deze oude kunsten en iconografie – lucht en ruimtetuigen, niet-menselijke maar intelligente creaturen, oude astronauten en artefacten van een geavanceerde technologie – wereldwijd terug te vinden zijn. De origine van veel religies worden door von Däniken geïnterpreteerd als reacties van de aardbewoners op de confrontatie met een buitenaards ras. Volgens hem beschouwden de aardbewoners deze buitenaardse technologie als bovennatuurlijk en de buitenaardsen zelf als Goden. Zowel de mondelinge als de geschreven overleveringen van de meeste religies zouden verwijzen naar buitenaardse lucht-ruimtetuigen en astronomie. Een voorbeeld is de openbaring van Ezekiël in het Oude Testament die door von Däniken geïnterpreteerd wordt als zijnde de beschrijving van de landing van een ruimtetuig. Criticasters gaan ervan uit dat von Däniken data verkeerd interpreteert, dat veel van zijn beweringen niet gefundeerd zijn en dat de kern van zijn theorie niet gevalideerd kan worden. Links onder een afbeelding van de Stonehenge constructie en de Moai standbeelden en rechts de Baghdad accu. Op deze twee constructies en de Baghdad accu komen we later nog terug.

Baghdad batterySTONEHENGE

Moai beelden

 

Zecharia Sitchin

sitchinSitchin baseert zijn theorie op de interpretatie van oude Sumerische kleitabletten, Midden Oosterse teksten, megalitische sites en artefacten van over de hele wereld. Hij beweert dat de goden van het oude Messopotamië in feite astronauten waren van de planeet “Nibiru” die volgens de Sumeriërs een ver verwijderde “12e planeet” moest zijn (de zon, maan en Pluto meegerekend) en geassocieerd werd met hun god Marduk. Volgens Sitchin blijft Nibiru in een baan rond de zon draaien die 3.600 jaar duurt en zou de asteroïdengordel, die zich tussen de planeten Mars en Jupiter bevindt,  de uiteengevallen overblijfselen zijn van de planeet “Tiamat” die volgens hem werd vernietigd tijdens één van de doortochten van Nibiru door ons zonnestelsel. Hedendaagse astronomen hebben echter geen bewijsmateriaal gevonden om Sitchin’s bewering te staven.

Volgens Sumerische legenden zouden een 50tal Anunnaki, de bewoners van Nibiru, ongeveer 400.000 jaar geleden de aarde hebben bezocht met de bedoeling hier grondstoffen en vooral goud te ontginnen. Na een tijd lieten zij het werk in de mijnen over aan werkkrachten die zij creëerden door toepassing van genetische technieken. Na veel geëxperimenteer creëerden zij uiteindelijk homo sapiens sapiens, de “Adapa” (model man) of de Adam uit het Oude Testament. Sitchin beweert verder dat de Anunnaki zich bezighielden met de menselijke aangelegenheden of historie totdat hun eigen cultuur werd vernietigd door toedoen van catastrofen met globale omvang zoals het plotse einde van de laatste ijstijd ongv. 12000 jaar geleden. Toen zij merkten dat het menselijk ras dit had overleefd en al wat zij zelf hadden opgebouwd vernietigd was, verlieten de Anunnaki de aarde nadat zij de toenmalige aardbewoners de mogelijkheid en de middelen hadden gegeven om voor zichzelf in te staan.

Onderaan een voorstelling van de planeet Nibiru.

Onderaan een afbeelding van een Sumerisch kleitablet en een paar vermeende oude afbeeldingen van de Annunaki.

SumerianClayTablet2600-2300BCAdminD

Robert Temple

roberttempleDeze oriëntalist en sanskrietkenner publiceerde in 1976 het boek “The Sirius Mystery” in het Nederlands uitgebracht onder de titel “Het mysterie Sirius”. Dit boek heeft als uitgangspunt de vraag of de aarde ongev. 5000 jaar geleden door intelligente wezens uit de omgeving van de ster Sirius is bezocht. Een Afrikaanse stam uit het noordwesten van Mali, de Dogon genoemd, bewaart hierover verhalen en overleveringen. Volgens nog voortlevende tradities van het primitieve Dogon volk hebben bewoners van een planeet uit het Sirius stelsel de ontwikkeling van de menselijke beschaving op gang gebracht en leeft dit nog steeds voort in hun tradities. Temple ontdekte tijdens een studie van deze Afrikaanse traditie relaties tussen de Dogon en de oude Egyptische en Soemerische beschavingen. Deze stam zou een gevorderde astronomische kennis bezitten die ze van deze buitenaardse bezoekers zouden geërfd hebben. Wetenschappers hebben zijn conclusies bekritiseerd, wijzen op bepaalde tegenstrijdigheden en veronderstellen dat de Dogon hun astronomische kennis zouden hebben verkregen van Europese bronnen. Onderaan een voorstelling van het Sirius sterrenstelsel en een afbeelding van de Dogon dansers.

Naast de hypothese van oude en verdwenen beschavingen van Cremo en Thompson en deze van de oude astronauten duikt er nog een andere en meer exotische verklaring op voor het bestaan van deze OOP Art, met name de hypothese van de “human time travellers”. Deze hypothese komt er op neer als zouden onze verre nazaten in de toekomst een middel gevonden hebben of de technologie beheersen om terug naar het verleden te reizen. Tijdens deze bezoeken aan het verleden (onze tijd en vroeger) laten ze dan deze vreemde artefacten achter. Zowel Dr. Bruce Goldberg als Marc Davenport zijn overtuigde aanhangers van deze tijdreizigers theorie.

Dr. Bruce Goldberg

goldbergHeeft een doctoraat in de biologie en chemie en is gespecialiseerd in de hypnotherapie. Hij publiceerde een boek “Time Travellers from Our Future” genaamd waarin hij een relaas doet van mensen die werden ontvoerd door wezens die ofwel onze verre nazaten vertegenwoordigen of futuristische buitenaardse wezens zijn, afkomstig uit het jaar 3000 tot 5000. Hij noemt ze “Chrononauts” en hun bezoekjes zouden er op gericht zijn ons te assisteren in onze spirituele groei. Hij somt vier verschillende types op :

De grijzen - een insectachtige alien.

De hybriden - een mengeling van mensen en wezens van andere planeten.

Pure mensen of aardbewoners – dus onze verre nazaten.

De reptielachtigen – ze zijn 100 % buitenaards en zouden zich een beetje vijandig opstellen.

Hier verder op ingaan zou ons echter te ver leiden.

Marc Davenport (overleden)

DavenoirtWas ingenieur in de scheikunde en bedrijfsingenieur totdat hij in 1985 full-time freelance schrijver werd. Hij publiceerde het boek “Visitors from Time” waarin hij stelt dat ufo’s een technologie aanwenden die zó geavanceerd is dat ze letterlijk de ruimte-tijd structuur kunnen kromtrekken. Blijkbaar hebben buitenaardsen geleerd hoe ze de tijd (als vierde dimensie) kunnen manipuleren als een deel van hun uitzonderlijke technologische kennis.

Lezers die zich verder willen verdiepen in het thema “Tijdreizen” kunnen op deze “Wikipedia” link klikken : http://nl.wikipedia.org/wiki/Tijdreizen

Dit artikel geeft een korte uiteenzetting waarin verschillende aspecten van tijdreizen en paradoxen bij tijdreizen aan bod komen.

*****************************************************************************************************************************************

Voorbeelden van OOP Art zijn legio maar we willen ons hier beperken tot de meest representatieve en betrouwbare van deze geheimzinnige artefacten. Hier enkele beroemde gevallen van deze vermeende Out Of Place Artefacts :

De fundamenten van het tempel complex te Baalbek in Libanon

Dit massieve platvorm van Baal Hadad is uniek in de wereld. Het is 90 meter lang, bijna 60 meter breed en 10 meter hoog. De trilithon is samengesteld uit drie stenen van 19 meter lang, 4,2 meter breed en 3,6 meter hoog. Ze werden uitgehouwen uit natuurlijke kristalachtige kalksteen vanuit een steengroeve die ongv. 1 km verderop ligt. Ze wegen elk 870 ton. Ze werden 10 meter hoog geplaatst en zijn zo accuraat gehouwen en geplaatst dat je er geen scheermesje kunt tussenkrijgen. Ze werden op een laag van 19 identieke blokken geplaatst die tussen de 350 en 400 ton wegen.

Een trilithon is een structuur bestaande uit twee grote verticale stenen die een derde horizontale steen ondersteunen. De benaming wordt gebruikt in de context van grote megalitische monumenten. Waarom is deze stenen constructie een raadsel voor de hedendaagse wetenschappers, ingenieurs en archeologen ? De methode gebruikt voor het opdelven, transport en nauwkeurige plaatsing van deze stenen, staat boven de technische mogelijkheden  van eerder welke oude of moderne constructeur. Veel geleerden die verveeld zitten met de idee dat, oude culturen een kennis zouden hebben verkregen superieur aan die van vandaag, zijn tot de conclusie gekomen dat de massieve Baalbek stenen heel moeizaam van de nabije steengroeve naar de tempellocatie werden gesleept. Beelden uitgekerft in muren van Egyptische en Mesopotaanse tempels geven inderdaad aan dat deze transportmethode, gebruikmakend van touwen, houten rollen en duizenden werklui, toen veelal van toepassing was. Maar deze steenmassa’s waren, wat afmetingen en gewicht betreft, slechts 1/10 van de steenblokken gebruikt op de Baalbek site. De steenmassa’s in Egypte en Mesopotanië werden eveneens vervoerd op vlakke ondergronden en brede paden.  De route van de steengroeve naar de Baalbek site is echter steil en gaat over ruw en bochtig terrein en er is absoluut geen aanwijzing dat in oude tijden deze oppervlakte werd bewerkt om het transport te vergemakkelijken. Onderaan een kaartje met de locatie van Baalbek en drie afbeeldingen van de Baalbek site.

Baalbek foundation stones

 

  ***********************************************
Het Stonehenge monument

Buiten het dorpje Amesbury in het Engelse graafschap Wiltshire bevindt zich een kringvormig monument van liggende en staande stenen. Voor de constructie van dit massieve monument werden stenen gebruikt gaande van 4 ton tot 25 ton. Er werden o.a. 5 trilithons opgericht met een gewicht van ongv. 45 ton. Er wordt  verondersteld dat de steenblokken uit steengroeven van 30 km tot zelfs 385 km verderop werden aangevoerd. De eerste theorieën gaven aan dat deze constructie door de Druïden of zelfs door de Romeinen werd gebouwd, maar in de loop van de 20e eeuw werden deze theorieën weerlegd. Het is nu quasi zeker dat, meer dan 2000 jaar, voordat de Kelten en later de Romeinen dit gebied binnendrongen, met de constructie ervan werd begonnen. Algemeen wordt aangenomen dat de Neolitische bevolking van de Britse eilanden ongev. 5000 jaar geleden begonnen is met de oprichting ervan. Rond de cirkel met stenen liggen aarden wallen en greppels die nog veel ouder moeten zijn. Niemand weet juist waarom en door wie Stonehenge gebouwd werd. Mogelijk was Stonehenge een heilige plek waar religieuze rituelen en ceremonies plaatsvonden. Sommigen beweren dan weer dat het een astronomische functie had omdat sommige stenen zó gepositioneerd zijn dat ze speciale tijdstippen aangeven zoals de opkomst en ondergang van de midzomer- en midwinterzon.

Zowel de constructie van Stonehenge als het transport van de stenen naar de site rond Amesbury blijft een raadsel. Op architecturaal gebied was Stonehenge zijn tijd ver vooruit en men kan zich afvragen hoe pre-historische mensen, die nog niet eens het wiel hadden uitgevonden, deze megalitische constructie hebben kunnen oprichten. Onderaan een drietal afbeeldingen van deze site.

     stonehenge-wikipedia

*********************************************************

De Moai standbeelden

Deze geheimzinnige standbeelden bevinden zich op het Paaseiland ook “Rapa Nui” genoemd en is het meest afgelegen bevolkte eiland op onze planeet. Het ligt in de Stille Oceaan op ongeveer 3.600 km van het Zuid Amerikaanse continent. Dit eiland is bezaaid met 887 enorme monolitische stenen beelden de MOAI genoemd. De grootste van deze Moai weegt 84 ton, dit is evenveel als een kudde van 12 olifanten die elk zeven ton wegen !

De traditionele naam van het eiland is eigenlijk “Te Pito” of “Te Henua” hetgeen “het centrum of navel van de wereld” betekent. Men neemt aan dat deze beelden gedurende een relatief korte periode werden uitgehouwen. Archeologen schatten dat het uithouwen en plaatsen van de beelden tussen 1100 en 1600 na Christus moet zijn gebeurd. Eigenlijk zijn deze beelden samengesteld uit hoofden en torso’s maar sommigen zijn half weggezakt in het zand. De meeste Moai werden uit, gecomprimeerde en makkelijk te bewerken vulkanische asse, uitgehouwen. Algemeen wordt aangenomen dat de beelden werden vervaardigd door de voorouders van de huidige Polynesische bewoners op een tijdstip dat het eiland grotendeels beplant was met bomen en dat natuurlijke hulpbronnen voldoende aanwezig waren om in de behoefte te voorzien van een populatie van minstens 10 tot 15000 eilandbewoners.

Deze beelden werden in 1722 opgemerkt door de Nederlandse ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen, die bij toeval het Paaseiland ontdekte en later in 1774 door de Britse zeevaarder en cartograaf Capt. James Cook. Het is nog steeds niet duidelijk waarom deze eilandbewoners deze beelden daar geplaatst hebben, wat hun functie was en welke technische middelen ze gebruikten voor het transport. Onderaan een drietal afbeeldingen van deze Moai.

 Moai beeldenMoaifin-steelt-oor-maoi-paaseiland-3465

*****************************************************

De Baghdad accu

De dag van vandaag vinden we batterijtjes en accu’s in eerder welke supermarkt of doe-het-zelf zaak. Het interessante is dat deze accu 2000 jaar oud is en bekend staat als de “Baghdad Battery”. Deze curiositeit werd teruggevonden in de ruïnes van een Parthiaans dorp waarvan de ouderdom wordt geschat tussen 248 vóór Christus en 226 na Christus. Het Partische rijk bestond van 105 tot 226 na Christus, was gesitueerd in het oude Nabije Oosten en was heel omvangrijk. Onderstaand mapje geeft je een idee.

  
Iraq_baghdad_map

Baghdad batteryHet apparaat bestaat uit een ongev. 14 cm hoge lemen pot met binnenin een koperen cilinder op zijn plaats gehouden door asfalt met daar binnenin een geoxideerde ijzeren staaf. Zie afbeelding hiernaast.

Na nauwkeurig onderzoek stelden experten vast dat het apparaat enkel diende gevuld te worden met een zuurachtige of alkaline vloeistof om electrische stroom te kunnen produceren. Men veronderstelt dat deze oude accu werd gebruikt voor het electrolytisch vergulden van objecten. Indien dit het geval is kan men zich afvragen waarom deze technologie is verloren gegaan en het zo lang heeft geduurd vooralleer men deze accu terugvond ?

**************************************************

De Baigong pipes

De “Baigong pipes” zijn, zoals de naam het al aangeeft, een aantal op buizen lijkende artefacten ontdekt in een grot aan de voet van de Baigong berg in de provincie Qinghai in China. Hieronder een kaartje waarop juist is aangeduid waar in China deze provincie is gesitueerd.

 qinghai_location

De grot die zich, ofwel op een natuurlijke wijze gevormd heeft of ook een artificiële constructie kan zijn, bevat meer dan een dozijn buizen gaande van 10 tot 40 cm in diameter. De buizen werden met een tamelijk geavanceerde techniek aangebracht en lopen afwisselend door de grot, in de berg en in de bodem onder de grot. Er werden nog meerdere buizen gevonden in de omgeving van het nabijgelegen Tosun meer, zowel verspreid op de oever als onder het meer zelf.

Volgens een Chinees ingenieur zijn ze zeker 5000 jaar oud en werden ze eigenlijk vervaardigd op een moment dat de mens pas het vuur ontdekte. Ze bestaan voor 30 % uit ijzerdioxide met een grote hoeveelheid silicon dioxide en calcium oxide. 8 % van het materiaal kon niet geïdentificeerd worden. Ze werden gevonden op een quasi onbewoonbare plaats voor mensen en werden vermoedelijk aangewend voor irrigatie doeleinden. Maar ook buitenaardse oorsprong is mogelijk alhoewel het niet duidelijk is waarvoor ze dan gebruikt werden. Ze zijn in China ook een toeristische attractie. Op de afbeeldingen respectievelijk, het vreemde landschap rond de Baigong berg, de Baigong buizen en de Baigong grot.

 ************************************************************

Het Wolfsegg ijzer

 
Wolfsegg_ironDit artefact (foto hiernaast), soms ook “De Salzburg Kubus” genoemd, is een kleine klomp ijzer die klaarblijkelijk binnenin een brok steenkool werd gevonden in een mijn uit de omgeving van het dorpje Wolfsegg in Oostenrijk in het jaar 1885. De origine van dit object is een mysterie en wordt al eens vernoemd om aan te tonen dat er in pre-historische tijden op aarde civilisaties bestonden die op technologisch gebied de moderne mensheid ver vooruit waren. In “The Book of the Damned” geschreven door Charles Fort komt dit artefact uitvoerig aan bod.
Het object wordt omschreven als “bijna een kubus” met een diepe inkerving die helemaal rond het object loopt. De afmetingen zijn 6,7 cm x 6,7 cm x 4,7 cm en het weegt 785 gram. Het zou een meteoriet kunnen zijn gezien de samenstelling en het kenmerkend pokdalig uiterlijk. Het is evenwel niet duidelijk hoe een meteoriet zo’n eigenaardige vorm zou hebben aangenomen. Een onderzoek uitgevoerd in 1966 door het Natuurhistorisch Museum in Wenen heeft aan het licht gebracht dat
het gegoten ijzer is, door mensen gemaakt.
Wetenschappers veronderstellen dat zulke ijzeren objecten gebruikt werden als ballast voor primitieve machines in de mijnbouw. Dit kan echter niet hard gemaakt worden omdat er ooit maar één van gevonden werd. De ouderdom wordt geschat op 20 miljoen jaar.
Wie is Charles Fort ? (foto hiernaast)
charles-fort-1-sizedFort is een wetenschapper die leefde van 1874 tot 1932 en die 30 jaar van zijn leven in de openbare bibliotheek van New York spendeerde, stapels oude kranten en tijdschriften uitpluizend, op zoek naar onverklaarbare gebeurtenissen die geleerden als nonsens bestempelden.
Hij schreef enkele boeken waarvan het belangrijkste werk “The Book of the Damned” is (Het Boek der Verdoemden). Met verdoemden bedoelde hij de verschijnselen die de orthodoxe wetenschap als niet geloofwaardig en niet meldenswaardig beschouwde. Fort werd eerst niet geapprecieerd door zijn tijdgenoten maar later wel herontdekt en gerehabiliteerd en wordt genoemd als ” de profeet van het onverklaarbare”.
*******************************************************************
 De Dendera lampen
Deze afbeeldingen zijn gegraveerd in een reliëf in een Egyptische tempel opgericht en opgedragen aan Hathor de Egyptische godin van de melkweg. Deze tempel bevindt zich in Dendera enkele tientallen kilometers ten noorden van Luxor. Dit reliëf bevindt zich in één van de offeranden kamers en zijn afbeeldingen van zeer bizarre en vreemde apparaten, waarin men zonder veel fantasie direct een TL buis of een electrische lamp kan erkennen. Ze zijn zonder meer een van de grootste enigma’s in de Egyptische geschiedenis.
De lamp aan de linkerkant wordt ondersteund door de god HEH die de eeuwigheid symboliseert. De lamp is verbonden via een draad of snoer met een krachtbron (galvanische cel ?) waarop de god HEH knielt en tevens de lamp ondersteunt. De lamp aan de rechterkant wordt ondersteund door de DJED pilaar die symbool staat voor stabiliteit. In de lamp of TL buis bevindt zich een lichtgevende slang die men de goedaardige MEHEN slang noemt. De lamp verkrijgt zijn energie zowel van de DJED pilaar als van de vierkante pilaar waarop de god HEH rust. Nergens in Egypte  vind je een dergelijke afbeelding of zelfs een afbeelding die er enigzins op lijkt. Is het mogelijk dat de oude Egyptenaren reeds elektrische verlichting in hun tempels gebruikten ?
De meest logische en plausibele verklaring zou kunnen zijn dat de oude Egyptenaren reeds ontdekt hadden dat wanneer men 2 staven gemaakt van koper en zink in een zuur onderdompelt, men hierdoor aan de uiteinden van beide metalen staven een spanningsverschil kan opwekken. Hoe ze deze opgewekte elektriciteit dan konden aanwenden in een lamp of een TL buis is natuurlijk een open vraag. Met deze mogelijke verklaring is meteen een eeuwenlang raadsel opgelost. Namelijk het feit, dat men in de duistere koningsgraven en de duistere kamers van de talrijke tempels, men met conventionele verlichtingsbronnen (brandende toortsen en het gebruik van corresponderende koperen spiegels die het zonlicht reflecteerden) men niet over voldoende licht beschikte om het interieur te kunnen verlichten. Men had een minimale hoeveelheid licht nodig om de minitieuze en verfijnde muurschilderingen te kunnen maken. Met brandende toortsen zou men teveel roet in de tempels en de graven achterlaten die de tere muurschilderingen sterk zouden kunnen verontreinigen. Men heeft trouwens geen enkel spoor van roet in de tempels en de graven gevonden. Behalve in de tempels en de graven die veel later door de Kopten werden bewoond die dagelijks brandende toortsen gebruikten. Hier kan men duidelijk het achtergebleven roet en de bruine patina op de muren en het plafond zien. In de tempels en de graven die gevrijwaard zijn gebleven van de Kopten, treft men geen enkel spoor van roet aan. Met deze vaststellingen en argumenten is de theorie van het gebruik van elektrische verlichting meteen een stuk logischer en aanvaardbaarder geworden daar er geen andere alternatieven meer zijn om de tempels en graven voldoende te kunnen verlichten.
Is dit het bewijs dat de oude Egyptenaren reeds het principe van de elektrische stroom en verlichting onder de knie hadden ? Was dit hun eigen uitvinding of kregen ze hulp van buitenaf ? Onderaan links een afbeelding van de Hathor tempel en rechts een kaartje van Egypte met indicatie van Dendera en Luxor.
HAthor tempel Dendere
map_egypte
******************************************************************
De Dropa stenen
 
Ze worden ook wel de Bayan-Kara-Ula schijven genoemd en werden gevonden in de buurt van Nimu in de Chinese regio van Sichuan en zouden zo’n 12000 jaar oud zijn. Hieronder een kaartje van China met indicatie van het Bayan-Kara-Ula gebergte.
Bayan Kara Ula
In 1938 deed, een expeditie geleid door de Chinese archeoloog Dr. Chi Pu Tei in het Bayan-Kara-Ula gebergte, een verbijsterende ontdekking. In enkele grotten die blijkbaar vroeger bewoond werden door een zeer oude cultuur vonden zij op de stoffige bodem van de grot, honderden stenen schijven. De diameter van de schijven bedroeg een kleine 23 cm en in het midden ervan bevondt zich een gat en de schijven zelf waren gegraveerd met twee cirkelvormige groeven. Ze hadden het uitzicht van oude gramofoonplaten van wel 10 tot 12000 jaar oud. Nu bleek dat deze groeven eigenlijk waren samengesteld uit zeer kleine hiëroglyfen die het ongelooflijke verhaal vertelden van ruimtetuigen afkomstig van een verre planeet die in dit gebergte een soort noodlanding zouden gemaakt hebben. De tuigen werden bestuurd door entiteiten die zichzelf “de Dropa” noemden en zouden naar alle waarschijnlijkheid deze artefacten hebben achtergelaten.
Russische wetenschappers hebben op de granieten schijven een laboratorium onderzoek verricht, en het bleek dat ze grote hoeveelheden cobalt en andere metaalsubstanties bevatten. Dit maakt dat deze schijven zeer hard zijn en het zeer moeilijk, zoniet onmogelijk, moet zijn geweest voor de primitieve bevolking van deze streek, deze fijne hiëroglyfen aan te brengen. Wat hun herkomst ook moge zijn, de Dropa schijven blijven een intrigerende puzzel voor archeologen en antropologen. Onderaan een viertal afbeeldingen dan Dropa schijven.
 ciencia_dropa08Dropa
 dropa 2
dropa 3
 *************************************************************
 De Kingoodie hamer
Dit object wordt verondersteld een hamer te zijn en is samengesteld uit een stuk ijzer vastgezet op een stuk hout. Het werd ontdekt in 1844 in de Kingoodie steengroeve in Schotland door Sir David Brewster in een plaat rode zandsteen die stamt uit het Devoon zo’n 360 tot 408 miljoen jaar geleden. Het Devoon is een periode die deel uitmaakt van het Paleozoicum ook bekend als het Primaire Tijdperk.
Als men ervan uitgaat dat de homo sapiens slechts 400 duizend jaar geleden is beginnen te evolueren, is dit een ontstellende vondst. In een natuurlijke omgeving reageert ijzer met zuurstof in een geologisch relatieve korte periode. Archeologische vondsten van ijzeren artefacten zijn meestal volledig vergaan en er blijft een roestkleurige plek in de aarde over. Deze hamer die verondersteld wordt meer dan 400 miljoen jaar oud te zijn, is blijkbaar niet of nauwelijks door oxidatie aangetast. Alleszins een vervelende vondst voor archeologen en paleontologen.

********************************************************************************

De Klerksdorp bollen

De laatste decenia worden er door mijnwerkers in een mijn nabij Ottosdal, Zuid Afrika (zie kaartje onderaan) mysterieuse metalen bollen opgegraven.

map Klerksdorp

Deze bollen hebben een diameter van ongev. 2,5 cm (een inch) en sommigen zijn gegraveerd met die groeven die helemaal rond de equator van de bol lopen. Er werden twee verschillende soorten bollen gevonden : een soort is samengesteld uit vast blauwachtig metaal met witte vlekken, de andere soort is hol van binnen en opgevuld met een sponsachtige witte substantie. Sensationeel is dat de rots, waarin ze werden gevonden, uit het Precambrium stamt d.w.z. 2,8 miljoen jaar geleden !

Deze voorwerpen zijn onverklaarbaar en zeer waarschijnlijk door intelligente wezens gemaakt. Dit is het oordeel van vele onderzoekers en reporters naar voor gebracht in boeken, artikels en web pagina’s handelend over pseudo of randwetenschappen. Geologen die deze objecten hebben bestudeerd argumenteren echter dat ze niet werden vervaardigd maar het resultaat zijn van natuurlijke processen.

Roelf Marx die curator is van het Klerksdorp museum in Zuid Afrika, waar deze bollen zich bevinden zegt : “De bollen zijn een compleet mysterie. Ze zien er door mensen-gemaakt uit en kwamen in deze steenlagen terecht, op een tijdstip in de geschiedenis van de aarde, dat er geen intelligent leven aanwezig was. Ik heb nooit eerder zoiets gezien”. Onderaan een aantal afbeeldingen van de Klerksdorp bollen.

 *************************************************************************

  De Ica stenen

Begin de jaren 30 ontdekte de vader van Dr. Javier Cabrera, cultureel antropoloog voor Ica in Peru, honderden ceremoniële grafstenen in de graven van de oude Incas.( zie mapje onderaan.)

icamap

Dr. Javier Cabrera die het werk van zijn vader voortzette heeft meer dan 1100 van deze merkwaardige stenen verzameld. Ze zijn waarschijnlijk tussen de 500 en 1500 jaar oud en worden met hun verzamelnaam de “Ica Stones” aangeduid.

Op deze stenen staan allerlei ge-etste afbeeldingen waaronder ook moderne medische procedures zoals open hart chirurgie en hersen transplantaties. Het meest verbazingwekkende echter zijn de afbeeldingen van dinosaurussen, brontosaurussen, triceratopsen, stegosaurussen en pterosaurussen. De wetenschap staat zoals gewoonlijk sceptisch hiertegenover en beschouwen de Ica stenen het werk van grappenmakers. Hun authenticiteit werd echter nooit bewezen of weerlegd. Onderaan een viertal afbeeldingen van deze stenen en een afbeelding waarop Dr. Cabrera staat.

Ica steen

 ica stone 1

p30_icaStone 

icastones

 

  *****************************************************************************

De Dashka steen

Een sensationele vondst van Dr. Alexander Chuvyrov, professor aan de Bashkir State University en dokter in fysieke en wiskundige wetenschappen. De steen werd genoemd naar zijn kleindochter Dashka. Onderaan een afbeelding van deze steen.

creator map

Dit mysterieuse object werd gevonden in de Basjkieren regio (Oeral, Rusland) en is een stenen plak van naar schatting 120 miljoen jaar oud. Zie map onderaan met aanduiding van deze regio.bashkiria_l

De Dashka steen, ook wel “Map of the Creator” genoemd werd in 1999 gevonden en is een echte driedimentionele reliëfkaart van het Oeralgebied in Siberië, Rusland. Militaire instanties gebruiken vandaag gelijkaardige kaarten. De stenen plak bestaat uit dolmiet, diopsied en heeft een beschermende toplaag van calcium porselein. Ze bevat een heleboel burgerlijke bouwkundige werken zoals een systeem van kanalen met een lengte van 12000 km, waterkeringen en grote dammen. Op korte afstand van de kanalen worden diamantvormige tekens getoond waarvan de betekenis niet gekend is. De reliëfkaart bevat ook veel inscripties, zelfs numerieke inscripties. Aanvankelijk dachten de wetenschappers dat het om een oude Chinese taal ging maar al snel werd duidelijk dat de onderschriften in een hiëroglyfisch-Syllabische taal van onbekende oorsprong werden aangebracht. Wetenschappers slaagden er niet in om de taal te lezen. Syllabisch schrift betekent dat voor elke lettergreep een apart symbool gebruikt wordt. Dit zou het onbetwistbaar bewijs kunnen zijn van het bestaan van een zeer oude hoogontwikkelde beschaving.

***************************************************************************

De Narada voorwerpen

In de loop van de jaren 1991 tot 1993 werden er door goudzoekers in de rivier de Narada ten oosten van het Oeralgebergte in Rusland, kleine spiraalvormige voorwerpen gevonden. Zie foto onderaan.

 Narada

Hun afmetingen variëren van 3 cm tot een onwaarschijnlijk 0,003 mm. De voorwerpen van relatief grotere afmeting zijn van koper, terwijl de kleine en heel kleine van deze artefacten van Tungsten (ook Wolfram genoemd) en molybdenum zijn, dit zijn tamelijk zeldzame metalen. Tungsten of Wolfram wordt gebruikt voor het harden van speciale staalsoorten en voor filamenten in gloeilampen. Molybdenum wordt ook gebruikt voor het harden van staal en voor anti-corrosie doeleinden.

Na exacte meting van deze veelal microskopisch kleine objecten door middel van electronen-microskopen werd vastgesteld dat ze werden vervaardigd volgens de “phi proportie” of “phi ratio”. Eigenlijk is dit een wiskundige benaming voor een creatie van de natuur. We vinden het terug in de plantenwereld (phi-ratio spiralen in de zonnebloem) in de dierenwereld en in de verhoudingen van het menselijk lichaam (lichaamsbouw, gezichtsproporties, DNA). Ook in de kunst wordt van deze goddelijke verhouding vaak gebruik gemaakt. Leonarde da Vinci gebruikte de “Divina Proportione” veelvuldig. Overal waar beweging is vormen zich spiralen. Denk aan draaikolken in het water en wervelstormen in de lucht. Dit zijn 3-d spiralen die ook wel vortexen genoemd worden. Deze vortex vorm vind je overal terug. In de macrocosmos als melkwegstelsels en in de microcosmos als subatomaire bewegingen. De vorm van de meest efficiënte beweging van energie staat bekend als een phi-ratio spiraal. Hoe groot of hoe klein de spiraal ook wordt, de verhouding blijft altijd hetzelfde.

Testen uitgevoerd in laboratoria in Rusland en Finland gaven aan dat ze tussen de 20.000 en 318.000 jaar oud waren. Deze microskopisch kleine artefacten zouden het product kunnen zijn van een technologisch hoog ontwikkelde beschaving uit het verleden. Ook buitenaardse origine behoort tot de mogelijkheden. Merkwaardig is dat ze vergelijkbaar zijn met controle elementen die op dit moment hun toepassing vinden in de nanotechnologie.

*********************************************************************************

De Piri Reis map

Dit is ongetwijfeld één van de meest bijzondere artefacten ooit. (zie afbeelding onderaan.)

 piri_reis_full

In 1929 vond een groep historici een verbazingwekkende landkaart die getekend was op hertenvel. Onderzoek wees uit dat het een echt document was dat in 1513 door Piri Reis, een beroemd admiraal van de Turkse vloot, werd getekend. Zijn passie was cartografie. Zijn hoge rang bij de Turkse marine stond hem een bevoorrechte toegang tot de Keizerlijke Bibliotheek van Constantinopel toe. De Turkse admiraal geeft, in een serie aantekeningen op de kaart, toe dat hij de gegevens samenstelde uit en kopieerde van een groot aantal landkaarten waarvan sommigen dateerden uit de vierde eeuw voor Christus en daarvoor. De kaart van Piri Reis toont de westkust van Afrika, de oostkust van Zuid-Amerika en de noordkust van Antarctica. De noordelijke kustlijn van Antarctica wordt op een perfect gedetailleerde wijze weergegeven. Het meest raadselachtige is echter niet de vraag hoe Piri Reis erin geslaagd is om een dergelijke accurate kaart van het poolgebied te tekenen 300 jaar voordat het ontdekt werd, maar de kaart toont de kustlijn onder het ijs. Geologisch bewijs heeft aangetoond dat de laatste keer dat het gebied zonder ijs te zien was 10.000 jaar voor Christus ligt.

Of het zich hier om Antarctica handelt is voor sommigen nog omstreden (Atlantis misschien ?), maar wanneer de claim waar zou zijn zou het betekenen dat er mensen om de Antarctische kust hebben genavigeerd vóórdat de ijslaag zich gevormd had. Dit betekent dat een volk op zijn laatst 10.000 jaar geleden de kust ijsvrij in kaart heeft kunnen brengen, een periode waarvan de algemeen geaccepteerde historie ons vertelt dat er amper beschaafde volkeren waren, laat staan ontwikkelde beschavingen die een dergelijke reis en kaart konden maken.

Na lange studie bleek dat de kaart totaal accuraat was en de enige manier waarop de kaart getekend kon worden zou vanuit de lucht zijn. Maar welke beschaving was toen in staat vliegtuigen te gebruiken om de planeet Aarde in kaart te brengen ? De kaart van Piri Reis is te bekijken in het Topkapi museum van Istanbul, Turkije.

********************************************************************************

De Roswell steen

Deze roodkleurige steen, van ongev. 4 cm in doorsnede en een gewicht van ongev. 40 gram, werd in 2004 tijdens een jachtpartij gevonden door de zakenman Robert Ridge. Eigenaardig genoeg ligt de vindplaats op zo’n 27 km van de vermeende UFO crashplaats Roswell in New Mexico, V.S. De steen werd bewerkt en lijkt wat maanfases, een zonsverduistering en een supernova uit te beelden. Zie afbeelding onderaan.

roswell-rots

Ridge toonde de raadselachtige steen aan vrienden en familie en besloot hem bij te houden en in een postkluis op te bergen. In juli 2007 echter kwam Ridge in contact met twee UFO onderzoekers Chuck Zukowski en Debbie Ziegelmeyer en beiden waren zeer verbaasd over hetgeen ze onder ogen kregen. De beide UFO onderzoekers hebben de steen dan door een aantal experten, waaronder antropologen, laten nakijken. Allen zeiden unaniem dat ze nog nooit zo iets dergelijks hadden gezien. Volgens hen zou het onmogelijk zijn om een steen op dergelijke manier te fabriceren, tenzij men beschikt over de meest moderne apparatuur, zoals lasers. Het lijkt alsof de figuren in het artefact letterlijk uit de oppervlakte van de steen zijn getrokken. De steen heeft ook magnetische eigenschappen en behoudt zijn magnetische polariteit waardoor het de naald van een kompas zal doen ronddraaien en zijn magnetisch veld vér zal doen gelden. Archeologen willen de steen voor verder onderzoek naar een labo sturen.

*******************************************************************************************

Het Antikythera mechanisme

Het Antikythera mechanisme werd genoemd naar de plaats waar in het jaar 1900 door sponzenduikers 81 onderdelen van een of ander apparaat werden opgedoken, zwaar verroest en aangevreten door het zoute zeewater. Op die plaats was de zeebodem 40 meter diep en bevond zich bij het eilandje Antikythera, tussen de Peloponnesos en Kreta. In het wrak van een Romeins schip, dat daar ca. 100 v.C. moet zijn vergaan op weg van de Egeïsche zee naar Italië, werden allerlei prachtige kunstvoorwerpen (beelden, sieraden, kruiken met wijn) aangetroffen, waar natuurlijk allereerst de aandacht naar uitging.

De 81 stukken aangevreten brons werden lange tijd over het hoofd gezien. Duidelijk was wel dat de brokken samen een stuk of dertig tandwielen vormden, en dat het er bij elkaar een beetje uitzag als het raderwerk van een klok – maar niemand had er zin in die rommel in elkaar te puzzelen. Onderaan een afbeelding van enkele originele onderdelen van dit mechanisme.

 antikythera_original

In de jaren 50 boog de Engelse wetenschapshistoricus Derek J. de Solla Price zich voor het eerst serieus over de brokstukken. Hij maakte röntgenfoto’s van het brons en kon zo beter de vormen en omtrekken zien en in juni 1959 publiceerde hij zijn bevindingen in The Scientific American. Hij concludeerde dat het een vernuftig astronomisch instrument moest zijn geweest, dat in een platte houten doos ter grootte van een schoenendoos gezeten moest hebben, met bronzen wijzers aan de buitenkant en een reeks tandwielen binnenin. Deze astronomische computer was volgens hem in staat om op iedere willekeurige datum en tijd de exacte positie van zon en maan aan te geven, en was daarmee een voorloper van onze huidige klokmechanismen.

Hoewel Price naar nu blijkt dicht bij de waarheid zat, werd hij na publicatie van zijn artikel zwaar bekritiseerd, met name zou hij te weinig harde bewijzen geleverd hebben en in zijn conclusies teveel wishful thinking hebben verwerkt. Maar een artikel in Nature van 29 november 2006 toonde aan dat hij er niet zo gek ver vanaf zat. In vijftig jaar had de techniek natuurlijk ook niet stilgestaan en het was sindsdien mogelijk geworden met CT (Computed Tomography), ook bekend van de in ziekenhuizen gebruikte CT scan, op de gevonden fragmenten veel meer details te zien dan voorheen. Algemeen wordt aangenomen dat dit artefact werd vervaardigd tijdens de tweede eeuw vóór Christus.

Een oud-conservator van het Londense Science Museum, Michael Wright, heeft tussen 2002 en 2005 in zijn werkplaats een model geknutseld van hoe het Antikythera mechanisme er moet hebben uitgezien. Zie afbeelding onderaan.

antikythera-07

 

Bronnen :

www.ancientx.com

www.wikipedia.org

www.drbrucegoldberg.com

www.grenswetenschap.nl

www.terugnaardebron.com

www.paranormal.about.com

www.book-of-thoth.com

www.unexplained-mysteries.com

www.astronomie.nl

http://space.about.com

www.travel-amazing-southamerica.com

http://mmmgroup.altervista.org

www.world-mysteries.com

www.niburu.nl

www.ancient-wisdom.co.uk

http://listverse.com

www.egyptegids.be

www.phiratio.nl

http://zapruder.nl

www.forumvallei.nl

www.rml2.nl

 

lijnen22 

 

 

 

 

 

 

 

 

DE DOOD NABIJ

Een ervaring voorbij ruimte en tijd.

BBC WEBSITE.

In september 2008 verscheen een opmerkelijk artikel op de website van de BBC. Ten einde meer inzicht te krijgen in het fenomeen “bijna- doodervaring” in het kort BDE, zal een uitgebreide studie worden opgezet bij patiënten die met een hartstilstand geconfronteerd werden. Dokters van 25 verschillende ziekenhuizen in het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten zullen bij 1500 overlevenden, bij wie het hart stilviel of de hersenaktiviteit uitviel, proberen vast te stellen of ze “uittredingsverschijnselen” hebben ervaren. Sommigen vertellen dat ze een tunnel of een fel licht waarnamen, anderen herinneren zich dat ze vanaf het plafond neerzagen op de medische staf. De studie zal een drietal jaar in beslag nemen en wordt gecoördineerd door de universiteit  van Southhampton (U.K.)

Om dit uit te testen hebben onderzoekers speciale rekjes met afbeeldingen opgesteld in de reanimatie zone’s, die alleen vanaf het plafond zichtbaar zijn. Dr. Sam Parnia, die de leiding heeft van dit project, zei “indien je kunt aantonen dat er een vorm van bewustzijn blijft bestaan na het uitvallen van de hersenfuncties, kunnen we de mogelijkheid in overweging nemen dat “het bewustzijn” een afzonderlijke entiteit is. Het is niet waarschijnlijk dat we met veel van die gevallen zullen geconfronteerd  worden, maar we moeten onbevooroordeeld blijven. En indien niemand deze prenten of afbeeldingen waarneemt, zal dit aantonen dat deze ervaringen illusies of hersenspinsels zijn. Dit mysterie kan men nu onderwerpen aan wetenschappelijke studie”.

Dr. Parnia zelf dagelijks bezig met intensieve verzorging en reanimaties, ziet de noodzaak in van een wetenschappelijke benadering van het BDE fenomeen.

EEN PROCES.

Hij zei ook : “in tegenstelling tot hetgeen algemeen wordt aangenomen is de dood geen specifiek moment. Het is een proces dat aanvangt wanneer in eerste instantie het hart ophoudt te kloppen en daarna de longen en ten slotte het brein niet langer functioneren, dit als gevolg van een infarct. Tijdens een hartstilstand worden de patiënten met deze drie criteria geconfronteerd. Dan volgt een periode van enkele seconden tot een uur of langer, tijdens dewelke het ervan afhangt of de intensieve medische behandeling succes heeft, het hart weer op gang komt, en het stervensproces wordt omgekeerd. Wat patiënten ondervinden tijdens een hartstilstand zal ons in staat stellen te begrijpen hetgeen we naar alle waarschijnlijkheid allemaal zelf zullen meemaken tijdens ons stervensproces.”

Dr. Parnia en zijn collega’s zullen de hersenactiviteit analyseren van 1500 overlevenden van een infarct, en oordelen of zij zich de bewuste prenten of afbeeldingen kunnen herinneren. De ziekenhuizen die aan dit project zullen meewerken zijn Addenbrookes in Cambridge, de universiteitskliniek van Birmingham en de Morriston kliniek in Swansea en ook negen ziekenhuizen in de V.S.

DE DEFINITIE VAN EEN BDE.

De Engelstalige term NDE (near death experience) werd in 1975 geïntroduceerd door de Amerikaanse filosoof Raymond A. Moody. De Nederlandstalige variant werd dan BDE (bijna-dood ervaring). Volgens Moody is een BDE : “een geestelijke ervaring van mensen die getroffen worden door een levensbedreigende fysieke problematiek”.

Een andere benadering is ook : “een bijzondere ervaring die optreedt in een levensbedreigende situatie die de patiënt overleeft” (Dr. Anja Opdebeeck – auteur van het boek “Bijna dood”.)

“Een bijna-dood ervaring is de (gemelde) herinnering van alle indrukken tijdens een bijzondere bewustzijnstoestand, met enkele specifieke elementen zoals het ervaren van een tunnel, het licht, een levenspanorama, het ontmoeten van overleden personen of het waarnemen van de eigen reanimatie” (dit is de definitie van Dr. Pim van Lommel – auteur van het boek “Eindeloos bewustzijn”.

“Bijna-dood ervaringen zijn ingrijpende psychologische gebeurtenissen met transcendente en mystieke elementen, die vooral optreden bij mensen die de dood nabij zijn of in situaties van ernstig lichamelijk of emotioneel gevaar verkeren” (Bruce Greyson – BDE onderzoeker).

“Bijna-dood ervaringen zijn de gemelde herinneringen aan indringende psychologische ervaringen met algemeen voorkomende “paranormale”, tanscendente en mystieke kenmerken, die optreden tijdens een speciale bewustzijnstoestand die ontstaat tijdens een periode van een werkelijk of dreigend lichamelijk, psychologisch, emotioneel, of spiritueel overlijden, en deze ervaringen worden gevolgd door algemeen voorkomende nawerkingen” (definitie van professor Janice Holden voorzitter van IANDS).

Een BDE is eigenlijk niet alleen een uittredingservaring op zich, maar bestaat in wezen uit een vijftal stadia :

Gevoelens van vrede : een buitengewoon aangename gewaarwording van rust en vrede.

 De uittreding : de bewustzijnsvorm verlaat het lichaam.

   

Betreden van duisternis : de tunnel, spriraal of diepte-ervaring.

  

  Het zien van een fel licht : een soort bovenaardse niet verblindende schittering.

 

   Binnentreden in het licht of in een hemels landschap : vredige taferelen met onaardse prachtige kleuren.

Bij een BDE komen nog een aantal elementen aan bod die al dan niet optreden of beleefd worden. Ik wil het nu beperken tot het essentiële en hier niet verder over uitwijden.

HET FENOMEEN UITTREDING.

Met deze studie en dit onderzoek wil men eigenlijk vooral focussen op het fenomeen “uittreding” en dan wel tengevolge van een fysieke problematiek. Robert Allen Monroe, stichter van het Monroe instituut voor Toegepaste Wetenschappen in Virginia (V.S.) en ingenieur van opleiding, wijdde een groot deel van zijn leven aan het bestuderen en experimenteren met dit fenomeen. Volgens hem zijn er twee soorten uittredingservaringen :

a) binnen de grens van de materiële wereld.

In uitgetreden toestand kan de betrokken persoon zijn stoffelijk lichaam en ook de kamer of het vertrek waarin men zich bevindt, waarnemen. Wanneer men dat wenst kan men zich verplaatsen door concentratie en wordt men niet gehinderd door stoffelijke barrières (muren, deuren, ramen). Op die manier kan men bezoekjes afleggen bij buren, vrienden, familieleden of men kan straten, gebouwen, steden en landen bezoeken.

b) buiten de grens van de materiële wereld.

De betrokken persoon is in staat de grens van de materiële wereld te overschrijden. Men kan dan zogezegde “dimensiereizen” maken, d.w.z. andere geestelijke wezens ontmoeten en met hen communiceren door gedachte- en emotieoverdracht. Andere zijnstoestanden ontdekken, bepaalde energiepatronen ontmoeten of in een soort geprojecteerde leegte zijn eigen wereld creëren, dus materialisaties van gedachten en emoties.

DE WETENSCHAP AAN HET WOORD.

BDE’s zijn al eeuwenlang bekend. Meer dan eens zijn er mensen geweest die men dood waande en die vlak voor hun begrafenis ontwaakten en over het hiernamaals konden vertellen.  Miljoenen mensen hebben een BDE gehad en in 97 % van de gevallen vindt men het een positieve ervaring. Sinds de toepassing van de moderne reanimatietechnieken worden patiënten frequenter met dit fenomeen geconfronteerd, alhoewel niet iedereen die in een levensbedrijgende situatie terecht komt, een BDE ervaart.

Wat de BDE’s betreft hebben de meeste wetenschappers een conservatieve en behoudende attitude, en willen dit fenomeen in een wetenschappelijke context plaatsen. Tijdens het stervensproces sterven de neurotransmitters in het brein af en veroorzaken een reeks reacties. Volgens hen zijn het hallucinaties veroorzaakt door zuurstoftekort in de hersenen, door te veel kooldioxide in het bloed of door een overproductie van het hormoon endorfine  in de hersenen. Het hormoon endorfine werkt in op het centrale zenuwstelsel en onderdrukt de pijn. Dit zou dan de eerste fase van een BDE : een gevoel van rust en vrede veroorzaken. Maar endorfinen zijn geen hallucinogenen en kunnen niet verantwoordelijk zijn voor de totale BDE ervaring.

Wetenschappers hebben ontdekt dat ze door elektrische stimulatie van de temporale hersenkwab sommige BDE elementen kunnen imiteren o.a. het verschijnsel uittreding.  Uittredingen komen vaak voor bij bijna dood ervaringen, maar ook gezonde mensen die niet in stervensnood zijn, kan het overkomen. Vele volkeren geloven in uittredingen en men neemt aan dat tussen de 10 en 25 % van de mensen ooit een uittreding heeft ervaren. Over het algemeen ziet men zijn lichaam van enige afstand en heeft men een verhoogd bewustzijn en een intensere waarneming. Psychologen staan hier sceptisch tegenover en vermoeden dat dit fenomeen een herordening is van herinneringen, hallucinaties of lucide dromen.

Andere hypothesen door psychologen naar voor gebracht zijn o.a. :

- de onaangename realiteit van ziekte en dood wordt vervangen door aangename fantasieën om zichzelf te beschermen.

- een BDE is een herinnering aan de geboorte. Als je geboren wordt ga je door een tunnel naar het licht en daar in het licht wacht veel liefde en warmte, dus een soort proces dat in het onderbewuste zit ingekapseld.

- BDE’s zijn een geestelijke afwijking zoals schizofrenie, delirium of dementie.

- op het moment dat je herstelt na een hartaanval moeten de hersenen, na een tijdje inactief te zijn geweest, een soort inhaalbeweging maken en in no-time een verhaal creëren. Dat verhaal zou dan je beleving van de BDE zijn.

- als je doodgaat maakt je lichaam nog een laatste poging tot voortbestaan en bedenkt een verhaal dat de illusies geeft die overeenkomen met een BDE.

Sommige psychiaters denken dat als de zinuigelijke waarneming verzwakt, het visuele hersencentrum de schaarse informatie vervormt tot ringen, tunnels en spiralen. Een andere hypothese is dat het een soort van wensvervulling is op het moment dat de hersenen tussen bewustzijn en bewusteloosheid schommelen. Tot daar deze beknopte wetenschappelijke benadering.

BUITEN TIJD EN RUIMTE.

Een BDE is in wezen een “buiten tijd-ruimtelijke” ervaring. Het opzet om via dit onderzoek meer licht te werpen op het verschijnsel “uittreding” is op zich moedig en hoopgevend, maar het uittredingsfenomeen waarop dit onderzoek is gericht, situeert zich binnen de grenzen van de materiële wereld en vertegenwoordigt maar één aspect van het hele gebeuren. Het inter-dimentionale karakter van de BDE’s zou enigzins geloofwaardiger worden en in een ander daglicht komen te staan als men er, door middel van deze studie, in zou slagen aan te tonen dat de menselijke bewustzijnsvorm een aparte entiteit is.

GETUIGEN AAN HET WOORD.

Op 14 november 2007 zond de Nederlandse omroep VARA/NPS intervieuws uit met twee gerenommeerde BDE experten in de bekende talk-show Pauw en Witteman.

Eerst is er de getuigenis van Mw. Machteld Blickman. Zij is verbonden aan de groep Merkawah, een stichting opgericht in Nederland door een aantal wetenschappers met als doel het verrichten van wetenschappelijk onderzoek naar het BDE verschijnsel. Mw.Blickman had zelf twee bijna-dood ervaringen die haar leven ingrijpend veranderden. Zij volgde een opleiding bij de Academie Integrale Menswetenschappen – SPSO en verricht nu werk op psychosociaal vlak. Zelf noemt zij een BDE : “bewustwording door ervaring” . Op deze video  is zij eerst aan het woord.

Een andere expert op dit gebied is Dr.Pim van Lommel. Meer dan 25 jaar werkte Pim van Lommel als cardioloog in een Arnhems ziekenhuis. Hij noteerde veel getuigenissen van patiënten die zeiden een BDE te hebben gehad. Op eigen houtje begon van Lommel een onderzoek dat hij in 2001 in “The Lancet” publiceerde ( The Lancet is een zeer gerenommeerd Brits medisch tijdschrift). In zijn ziekenhuis kregen 344 patiënten een hartstilstand, daarvan bleken er 62 een BDE te hebben gehad. Van zijn hand is ook de bestseller “Eindeloos Bewustzijn”, waarin hij betoogt dat een BDE een unieke ervaring is, en dit niets te maken heeft met zuurstofgebrek of psychose. Volgens hem zijn BDE’s een realiteit.

Dr.Pim van Lommel kon, ondanks zijn medische achtergrond, ook geen verklaring vinden voor de ervaringen van zijn patiënten. Hij maakte wel de voorzichtige conclusie dat onze bewustzijnsvorm zich binnen, maar ook buiten ons lichaam moet bevinden, dus een ruimte waar geen tijd of plaats is. In de kwantumfysica noemt men zo iets “non localiteit”. De kwantumfysica onderzoekt en beschrijft het gedrag van de elementaire deeltjes.

Ons brein fungeert dan als een soort zender/ontvanger voor signalen die in deze non-locale ruimte bestaan. Op die manier zouden onze hersenen een toestel zijn waarmee je je bewustzijn kan ontvangen en dit laten manifesteren in je lichaam. Het bewustzijn zou zich in deze non-localiteit bevinden en daar ook eeuwig blijven bestaan. Hij acht het uiterst waarschijnlijk dat wij een ziel hebben die na onze dood blijft voortbestaan.

Hier volgt dan de getuigenis van Dr. Pim van Lommel.

 

Niemand weet eigenlijk precies hoe het zit met de relatie tussen de geest (het bewustzijn) en de materie (het brein). Is de geest een bijverschijnsel van bio-electromagnetische aktiviteiten die zich afspelen in het neuronale hersennetwerk ?

De Franse fysicus en bio-fysicus Régis Dutheil, verbonden aan de medische faculteit van Poitiers, stelt dat het bewustzijn bestaat uit een tachyonisch veld dat via de neocortex fysische signalen omzet in een driedimensionale werklijkheid, een visie die aansluit bij de eerder aangehaalde kwantumtheorie. Een tachyon (uit het Grieks takhús = snel) is een hypothetisch subatomair deeltje dat beweegt met een snelheid groter dan de lichtsnelheid. Het begrip tachyon wordt in meerdere theorieën gebruikt. Het wordt verondersteld een deeltje te zijn dat zich op een ruimteachtige baan beweegt en een imaginaire eigentijd heeft. De neocortex is evolutionair het nieuwste deel van de cortex cerebri. De cortex cerebri is het gebied in de hersenen waar informatie uit de rest van het lichaam ontvangen, geanalyseerd en geïnterpreteerd wordt.

Volgens Dutheil zou na de hersendood het bewustzijn de volle tijdruimtelijke eigenschappen terugkrijgen die volgens Einstein worden opgeroepen bij tachyonische (licht) snelheden. Een bijna-dood ervaring lijkt hiervan te getuigen : wegvallen van oorzakelijke verbanden, ogenblikkelijke ruimtelijke verplaatsing van, én informatieverwerking door het “ontlichaamde” individu, zoals de panoramische terugblik op, de ervaring van het persoonlijke verleden, de voorkennis van de toekomst enz… De legendarische tunnel of diepte ervaring zou het doorbreken zijn van de lichtmuur door de nu zelf licht geworden bewustzijnssubstantie. Het lijkt een aantrekkelijke hypothese maar voor de nuchtere en klaardenkende neuroloog blijft het vraagstuk van het bewustzijn voorlopig onopgelost.

2008-06-tunnel

  

 

   BRONNEN : 

De websites : http://news.bbc.co.uk.   http://www.merkawah.nl    http://www.spso.nl     http://www.nickgroen.nl 

Literatuur : “Bijna dood” Dr. Anja Opdebeeck ( zeer aanbevolen). 

                   “Op de drempel van de dood” Jean Ritchie 

                   ”De tunnel en het licht” Dr. Raymond A. Moody 

                   “Op zoek naar het onbekende” Reader’s Digest. 

                   “Eindeloos bewustzijn” Dr. Pim van Lommel. (zeer aanbevolen) 

                   “Het verborgen Lourdes” Ludo Noens. 

                    De Wikipedia encyclopedie. 

 

  

 

  

DE VREEMDE ARTEFACTEN VAN KIËV

HET KOROLIYEV OBJECT.

Kiëv is de hoofdstad en tevens de grootse stad van de Ukraïne en had in 2001 ongeveer 2.600.000 inwoners. De stad is gelegen aan weerszijden van de rivier de Dnjepr.

Hoe Kiëv er nu uitziet :

Kiëv vlak na de tweede wereldoorlog :

In de ruïnes van Kiëv werd in de zomer van 1947 tijdens opruim-en opbouwwerkzaamheden een merkwaardig object gevonden op een locatie waar vóór de oorlog het Kiëv muziekconservatorium stond. Het object lag 5 à 6 meter onder de grond. Het vreemde tuig was een zilverkleurige, naadloos gestroomlijnde cilinder en had de vorm van een pijl. Het had een diameter van ongev. 3-3,5 meter en was ongev. 5 à 6 meter lang.

Het achterste gedeelte was gelijkmatig afgesneden, naar alle waarschijnlijkheid afgerukt, van het andere gedeelte van het object. Het object had bijkomend smalle aanhechtingen aan de zijkanten en gaven het tuig het uitzicht van een pijl. De vondst werd uitgegraven en ingenieurs van het Sovjet leger werden er bijgeroepen. De site werd onmiddellijk afgezet. Er werd verondersteld dat het tuig een buitenlands projectiel zou kunnen zijn. In het geheim werd het object op een oplegger geplaatst en bedekt met een zeil, van de Ukraïne naar Podlipki in de Sovjetunie getransporteerd. Dit is een plaats in het noord-oosten van Moskou. Later werd deze stad Kaliningrad genoemd en heet nu Korolyev.

Op deze plaats werd het eerste onderzoekscentrum voor luchtprojectielen opgericht. Kaliningrad was later de plaats waar veel geheime militaire projecten plaatsvonden en er werden ook veel UFO waarnemingen gedaan. De vondst werd heel zorgvuldig bestudeerd. Er werd vastgesteld dat het object al enige duizenden jaren onder de grond moest gelegen hebben (ongeveer 3 à 5000 jaar.)

Oorspronkelijk werd het object al gevonden einde de 19e eeuw-begin de 20e eeuw, dus lang voor de october revolutie van 1917, door de beroemde archeoloog Vikentiy Khvoyka die ook de ontdekker was van de Trypillya cultuur, een 7000 jaar oude stad in de Ukraïne. Er werd zo diep mogelijk gegraven maar het was in die tijd moeilijk het object volledig uit te graven. De toenmalige gouverneur van Kiëv werd er, door de Tsaristische politie en de locale authoriteiten, bijgehaald om de hele zaak te onderzoeken. Hij onderzocht het tuig heel aandachtig maar gaf de opdracht het object te laten waar het was omdat hij voor deze operatie de verantwoordelijkheid niet durfde te nemen en het tevens onmogelijk was de herkomst van dit vreemde tuig te achterhalen.

Jaren later in 1947 waren Sovjet wetenschappers en de pioniers van de luchtprojectielen, wel in de mogelijkheid het her-ontdekte object te onderzoeken met behulp van de apparatuur in hun Podlipki labo. Na onderzoek werd vastgesteld dat alleen de voorste cockpitsectie van het tuig werd gevonden. Origineel moest het luchttuig ongev. 11 à 12 meter lang geweest zijn. Jammer genoeg werd het staartgedeelte, dat de behuizing van de motor moest zijn geweest, nooit teruggevonden. Het gerecupereerde cockpit gedeelte was verwijderd op een manier die doet denken aan de toepassing van laser technologie.

Het tuig was zo te zien niet van aardse oorsprong en niet door mensen vervaardigd, omdat er twee kleine zetels waren ingebouwd voor twee heel kleine piloten die heel waarschijnlijk maar 1,20 meter lang moesten geweest zijn. De cabine was echter leeg en de dode piloten werden nooit teruggevonden. Geavanceerde uitrusting, zoals controle instrumenten met knoppen en panelen werden binnenin gevonden. Vreemd genoeg werd een vreemde inscriptie in een onbekende taal in de cabine ontdekt. De tekst kon uiteindelijk ontcijferd worden en bleek oud Sanskriet of een oude Indische taal te zijn.

Later werd gespeculeerd dat het object een soort van antieke “Vimana” moest geweest zijn, die worden beschreven in oude Indische manuscripten zoals de “Vimana Shastra”.  Sergey Pavlovich KOROLYEV, later hoogleraar en beroemd Sovjet ontwerper van projectielen, werd hoofd van een “top secret” groep, die werd opgericht om het ontdekte tuig te bestuderen. In verband met deze vondst zei hij meer dan eens tot zijn collega’s : “Het oog kan het zien, maar de tanden kunnen het niet kauwen”. Klaarblijkelijk benadrukte hij  het feit dat het tuig zeer geavanceerd was en het wetenschappelijk en technologisch niveau van de USSR in 1947 ver overschreed. Noch de structuur, noch de technologie werd begrepen en bijna niets kon gekopiëerd worden.

Tijdens de jaren 50-60 en 70 werd met het onderzoek verder intensief doorgegaan en moet men er uiteindelijk toch een en ander van hebben opgestoken. Later bleek dat deze vondst en de respectievelijke studie ervan, de Sovjet technologie i.v.m. luchtprojectielen en ruimtetechnologie aanzienlijk moet hebben versneld en dan meer specifiek het ontwerpen van metaallegeringen, controlesystemen en sommige constructietechnieken. Schokkend en verbazingwekkend voor het Westen was dat, 10 jaar na de Kiëv vondst, de reeds vernoemde Korolyev in 1957 de eerste satelliet de Sputnik lanceerde en in 1961 de eerste mens de ruimte instuurde (Yuri Gagarin).

Vreemd genoeg werd dit alles verwezenlijkt door een uitgeput en geruineerd land dat zeer had geleden onder Stalin’s repressies en de tweede wereldoorlog. Ook had de Sovjetunie een aanzienlijke achterstand op de U.S.A. met betrekking tot luchtvaart, ruimte en rakettechnologie. Zodra de Sovjet wetenschappers de Lasertechnologie onder de knie hadden, werden verschillende onderdelen van het tuig losgemaakt en naar labo’s gestuurd voor een gedetailleerde analyse.

Dit verhaal werd openbaar gemaakt door een zekere V. Sukhoveev, een Kiëv resident, wiens vader (een bekend taalkundige) er toen werd bijgeroepen om de inscripties binnen in het toestel te ontcijferen. Ook later in 1962 werd S.P. Korolyev ingeschakeld om een fragment van een vermeende UFO “crash” in de provincie Orenburg (Ural) te bestuderen.

HET REITARSKAJA OBJECT.

In 1953, hetzelfde jaar dat Stalin stierf, werd door archeologen die opgravingen deden in de Reitarskajastraat in Kiëv een vreemde vondst gedaan. Ze ontdekten op ruim 5 meter diepte een grafkelder met een massieve kist erin. In de kist zaten ongeveer vijfhonderd boeken, in het Arabisch, Grieks, Sanskriet en in Slavische talen.

In de boeken stonden tekeningen van ruimtestations, hangars voor ruimteschepen en Star Wars-achtige taferelen. Deze artefacten werden door de toenmalige Sovjetrussische geheime dienst, al na enkele uren in een gesloten voertuig afgevoerd. De archeologen werden aangemaand over deze zaak te zwijgen. De betrokkenen durfden zelfs nauwelijks hun namen noemen.

Wat men daar ontdekte wist men 40 jaar geheim te houden, tot een van hen in 1993 tegen zijn zin zijn relaas deed aan de Kiëvse krant Dzjentri. Dit was een van de beste kranten uit de post-Sovjet periode. De krant publiceerde ook veel details over het UFO onderzoek in Rusland.

HET KIËV BEELDJE.

Dit is een foto van een beeldje dat eveneens in de stad Kiëv werd teruggevonden en dateert van 4000 vóór Christus. Het lijkt op een vreemd uitgedost ruimtemannetje met op het eerste zicht zes vingers (duim niet zichtbaar).

Ik heb geen verdere informatie kunnen terugvinden omtrent de juiste vindplaats en wanneer en in welke omstandigheden het werd gevonden. Lezers die hierover meer gegevens kunnen verstrekken mogen altijd reageren.

We kunnen ons afvragen of al de technologische hoogstandjes die de mensheid nu weet te presteren wel allemaal zo nieuw zijn ? Zou het niet kunnen dat we nu aan een inhaalbeweging bezig zijn, een soort herontdekking, en dat heel oude culturen op aarde toen al een verbluffende technologische kennis hadden. We denken dan aan de oorspronkelijke Egyptische en Soemerische beschavingen of zelfs ouder. Is het mogelijk dat er in een ver verleden een buitenaardse interventie heeft plaatsgehad ?

Dit is misschien heel speculatief, maar toch moeten we hiermee rekening houden.

 

Bronnen :

Website : www.ufoevidence.org

Het boek “De Sovjet UFO Dossiers” van Paul Stonehill.

 

HET TOENGOESKA MYSTERIE

 TOENGOESKA GEOGRAFISCH EN GESCHIEDKUNDIG.

 

Vóór de oktoberrevolutie van 1917, die een einde maakte aan het Russische tsarenrijk, heette dit gebied in Oost-Siberië : Toengoeska. De naam is ontleend aan twee belangrijke rivieren die door dit gebied lopen : de Beneden-Toengoeska en de Stenige Toengoeska. Beide rivieren monden uit in de Jenisej. Vanaf het begin van de Sovjetperiode tot het jaar 2005 heette dit gebied Evenkië. Op 17 april 2005 werd met een referendum beslist dat het autonome district Evenkië samen met het district Tajmyr met de kraj Krasnojarsk zouden worden samengevoegd. Op 1 januari 2007 werd dit doorgevoerd. Het voormalige Evenkië was een enorm gebied (767.600 km²) maar had de kleinste bevolking (ongev. 18000 bewoners). Deze uitgestrekte regio is bezaaid met naaldbomen, de bovengrond is bevroren in de winter en moerassig in de zomer. Er heerst een streng klimaat en permafrost is er veel voorkomend. Permafrost betekent dat de ondergrond nooit helemaal ontdooit.

Evenkië was een van de meest afgelegen gebieden van het Russische rijk. Het werd bewoond door nomadische volken, maar later ook door oudgelovigen die in dit gebied hun toevlucht zochten na de val van de tsaar. Uiteindelijk werd in 1908 dit district het decor van de Toengoeska Event. Deze catastrofe vond plaats in het gebied rond Vanavara, een handelsnederzetting aan de oevers van de Stenige Toengoeska.

WAT GEBEURDE ER IN DE VROEGE OCHTEND VAN 30 JUNI 1908 ?

In de vroege ochtend van 30 juni 1908 worden bewoners van Noordwest-China en Mongolië opgeschrikt door een lichtgevend object dat zich met grote snelheid langs de hemel verplaatst. Het had een cylinderachtige-ovale vorm, verspreidde een zeer fel blauwwit licht met een rookpluim achter zich. Boven Rusland vliegt het object nu zo laag, dat het met bulderend geraas gepaard gaat. Volgens sommige bronnen veranderde het object dan van koers en vloog het daarna erg langzaam. Als het dan even later achter de horizon is verdwenen, stijgt er een zwarte rookwolk op, waaruit een enorme steekvlam te voorschijn komt, die gepaard gaat met een hevige hittestraling. Hierna volgt het geluid van een aantal zware explosies, waarvan de tweede de krachtigste was. Een enorme zuil van vuur en stof steeg kilometers op. Overal ter wereld werd de klap geregistreerd, die tot honderden kilometers ver te horen was. De verwoestende kracht was enorm en de nomaden in dit gebied dachten dat de wereld verging. Hieronder twee artistieke impressies van hoe dit object of vuurbal er moet hebben uitgezien.

 

DE OOGGETUIGENVERSLAGEN.

Nomaden die toen in het gebied bivakkeerden getuigen als volgt :

opeens werd het boven de heuvel, waar het bos al omgevallen was, heel erg licht, alsof er een tweede zon was verschenen – het deed pijn aan mijn ogen en moest ze zelfs bedekken. En opeens weer een zware donder. Dat was de tweede slag. Het was een zonnige ochtend, zonder wolken, onze zon scheen helder als altijd, en opeens was daar een tweede zon”

“opeens, in het noorden, spleet de lucht in tweeën, en hoog boven het bos leek de hele noordelijke hemel met vuur bedekt te zijn. Op dat moment voelde ik een grote hitte, alsof mijn hemd in brand gevlogen was, deze hitte kwam uit het noorden. Ik wilde mijn hemd uittrekken en weggooien, maar op dat moment was er een knal in de lucht, en een enorme klap was te horen. Ik werd ongeveer zeven meter weggeslingerd en verloor het bewustzijn. De klap werd gevolgd door het geluid dat leek op stenen die uit de lucht vallen, of kanongebulder. De aarde beefde en ik bedekte, liggend op de grond, mijn hoofd omdat ik bang was dat er stenen op zouden vallen.”

Nog meer getuigenissen :

” ik zat net op de veranda, toen ik een geweldige lichtflits zag, die secondenlang duurde. Deze was boven de noordwestelijke horizon te zien. Kort daarna voelde ik en mijn buurman een gigantische hitte en verscheen er een paddestoelachtige vuurbol boven de bomen. Ik voelde vreemde tintelingen en verloor kortstondig het bewustzijn. Toen ik weer bijkwam en opkeek, zag ik een gigantische wolk in de lucht en hoorde ik een daverend gerommel. Mijn rug was verbrand. De hele aarde beefde en in de grond kwamen scheuren.”

“opeens klonk korte tijd een zeer luid gekraak… het was de eerste donderslag die we hoorden. De aarde begon te trillen en te schokken, een geweldige rukwind smeet onze tsjoem (kegelvormige nomadentent) om. Toen zag ik iets vreselijks : de bomen sloegen om, de takken brandden. Het was heet, zo heet dat je bang was te verbranden. Opeens werd het op de plaats waar de bomen omgeslagen waren licht, alsof een tweede zon aan de hemel was verschenen.”  Hieronder een foto van een tsjoem of nomadentent.

De bewoners van de Vanavara nederzetting getuigden :

“het gehele noordelijke deel van de hemel werd verlicht door een vuurbal waarvan het licht sneller was dan de zon. De hittestraling was zo hevig dat we vreesden dat onze kleding vlam zou vatten. Tegelijkertijd voelden we de grond onder onze voeten trillen en schokken en hoorden we donderende geluiden als van een zeer zwaar onweer.”

Als er dan jaren later een expeditie op touw wordt gezet en de expeditieleden hierover vragen stellen aan de lokale bevolking, hebben ze hier grote bedenkingen bij. Sommigen weigeren zelfs over het gebeurde te praten en enkelen ontkennen het zelfs geheel. Er blijkt een behoorlijk taboe op te rusten en veel Evenken zien deze gebeurtenis als een straf van OGDY, hun vuurgod, die weer zal toeslaan als men het gebied binnendringt.

DE IMPACT, GEOGRAFISCH EN ATMOSFERISCH.

Geografisch.

De vernielingen op het terrein waren enorm. De explosie was zo gewelddadig dat een gebied zo groot als de stad Londen letterlijk met de grond gelijk werd gemaakt. Tot op honderden kilometers in de omtrek worden daken van huizen gerukt en mensen en dieren worden omvergeworpen. Tot zover het oog reikt zijn alle bomen omvergedrukt, allemaal liggend in één richting nl. van het inslagpunt af. Alleen in sommige laagten die redelijk beschut lagen ten opzichte van het vermeende inslagpunt, staan er nog bomen overeind. Op de grond is alles verschroeid en het is duidelijk dat dit door een hittestraling is gebeurd. De twee onderstaande foto’s werden genomen tijdens de eerste expeditie naar dit gebied.

Een trein van de Trans-Siberische spoorweg  moet stoppen omdat de spoorbaan zo hevig trilt. De explosie had het equivalent van een kernbom van 10 megaton d.w.z. 500 keer de energie die vrijkwam bij de atoombom op Hiroshima. Sommige bronnen vermelden dat latere onderzoeken en berekeningen aan het licht brachten dat deze explosie een kracht van wel 40 megaton zou heben gehad, d.w.z. 2000 keer de Hiroshima bom. Zoals gewoonlijk zijn hierover de meningen verdeeld. Ter vergelijking : een meteoriet die zo’n 50.000 jaar geleden in de Amerikaanse staat Arizona neerkwam, had een kracht van “slechts” 3,5 megoton. Op de foto hieronder de Winslow Arizona krater met een doorsnede van 1,6 km.

Het epicentrum, waarvan achteraf werd vastgesteld dat het een doorsnede had van ongev. 40 km, gaf een desolate aanblik, volledig ontvolkt van mensen, landdieren en vogels. Bewoners rond het Baikalmeer, een enorm uitgestrekt zoetwatermeer in het zuiden van Siberië ongev. zo groot als België, rapporteerden dat, weinig dagen na de gebeurtenis, de rivieren in de omgeving gezwollen waren alsof er ergens een immense dooi was ingetreden. Hier een foto van dit meer.

Volgens een lokale boer hadden rendieren, na de catastrofe, een rare ziekte opgelopen. Ze hadden gekke zweren en gezwellen gekregen en planten en gewassen waren er reusachtig gegroeid. In 1930, ruim twintig jaar na de explosie, kwam er nog steeds geen vis in de rivieren voor. De vuurbal werd ook gezien door een nomadische Mongoolse stam de Tungas geheten die toen dit gebied bevolkten. Deze stam werd het zwaards getroffen door de explosie. Zij hadden te kampen met bosbranden die weken aanhielden en ongev. 1600 km² verwoestten. Ze verloren heel wat rendieren en tenten. Het was een wonder dat er geen doden vielen.

Atmosferisch.

In de hele wereld is te merken dat er iets vreemd is gebeurd. Seismografen in verschillende steden pikken de trillingen op. Verstoringen in het aardmagnetisch veld worden waargenomen. De zons-op en ondergangen zijn opvallend fel gekleurd en de eerste nachten wordt het niet helemaal donker. De lucht vertoont lichtgroene, gele en roze tinten. Uit Europa komen berichten over “witte” nachten. In Nederland wordt op 30 juni melding gemaakt van “een golvende massa” boven de horizon. In Londen denken sommigen dat er een grote brand woedt in het noorden van de stad. In Antwerpen lijkt na zonsondergang de hemel in brand te staan. Inwoners van Londen en Parijs konden de dag na de explosie s’nachts hun krant lezen, en drie nachten achtereen werd het in Europa niet helemaal donker. Dit was vermoedelijk te wijten aan enerzijds, enorme wolken van stof die hoog in de atmosfeer terecht kwamen, en anderzijds het gevolg van radioactieve processen in de bovenlagen van de atmosfeer. De drukgolf ging vermoedelijk twee tot driemaal de aarde rond en de uitdeinende hittestraling, als gevolg van de explosie, werd honderden kilometers verder gevoeld.

De Amerikaanse organisatie “National UFO Reporting Center” afgekort NUFORC refereert in dit verband op haar website : http://www.nuforc.org/GNTungus.html naar een drietal artikels die op woensdag 1 juli, donderdag 2 juli en zaterdag 4 juli van het jaar 1908 in de Londense krant “The Times” gepubliceerd werden. Deze drie artikels zijn alleen al interessant omdat ze deze atmosferische fenomenen duidelijk illustreren.

DE KULIK EXPEDITIE.

Een voor de hand liggende verklaring voor deze geografische en atmosferische  fenomenen is er niet, met uitzondering van de seismische trillingen die toegeschreven worden aan een mogelijke aardbeving. Verder onderzoek blijft uit omdat het tsaristische Rusland van toen wel wat anders om het hoofd had dan een expeditie organiseren naar een ver en onherbergzaam gebied. Er heerste politieke onrust, een wereldoorlog dreigde en de Russische revolutie was niet ver af. Een reis naar dit desolate gebied was begin de 20e eeuw geen sinecure. De technische middelen waren beperkt en de logistiek nauwelijks of niet voorhanden. Pas in 1921, na de eerste wereldoorlog en de Russische revolutie, wordt de draad weer opgepikt en kreeg de mineraloog en meteorietenexpert Leonid Kulik de toelating van het Sowjet regime een expeditie naar dit gebied op te zetten. Kulik vermoedde, aan de hand van oude krantenberichten, dat er in 1908 in Siberië een bijzonder grote meteoor moest zijn neergekomen. Dit was ook de meest aanvaardbare hypothese en met de hulp van wetenschappers werkzaam in Evenkië, ooggetuigenverslagen en de expertise van een astronoom, wordt het vermoedelijke epicentrum of inslagpunt bepaald. Het is pas zes jaar later in 1927 dat deze expeditie echt van start gaat. Het is een zware reis, langs ravijnen, moerassen en steile berghellingen, en als Kulik dan de zone van de verwoestingen binnendringt valt het hem en zijn medewerkers op, dat zover het oog reikt alle bomen er plat liggen en dat alles er verschroeid is (zie geografische impact).  Kulik weet uiteindelijk het centrum van de explosie of “ground zero” te bereiken. Tot zijn grote verbazing staan alle bomen er nog overeind ! Alleen de geblakerde stammen staan er nog ontdaan van bladeren en takken. Van een inslagkrater of meteorietresten is in heel de omgeving geen spoor te bekennen. In de daaropvolgende jaren leidde Kulik nog enkele expedities naar het gebied, maar ook toen vond hij niets. De arme man overleed in 1942 in een Duits krijgsgevangenenkamp. Hieronder een foto van Kulik.

DE POST-KULIK PERIODE.

Dan ontstond het vermoeden, ook Kulik speelde al met deze idee, dat het object wat het ook mag geweest zijn, boven het aardoppervlak moest zijn geëxplodeerd. Latere onderzoeken en expedities door Sovjetrussische wetenschappers in het getroffen gebied en ook simulaties in laboratoria, bevestigen deze stelling. Men schat dat de explosie moet hebben plaatsgevonden op circa 8 kilometer boven het aardoppervlak. Het was pas in 1958 dat er door de toenmalige Sovjetunie weer een expeditie naar het Toengoeska gebied werd uitgezonden. Ook jonge Sovjetrussische wetenschappers ondernamen daarna nog enkele expedities maar konden geen overtuigend bewijsmateriaal vinden, zeker wat de meteorietinslag hypothese betreft. Sindsdien zijn er nog vele wetenschappers in Toengoeska geweest en na de beëindiging van de koude oorlog, kwamen ook geleerden uit het Westen er hun licht opsteken. De cruciale vragen die de vele wetenschappers bezighielden en nog steeds bezighouden zijn :

Wie of wat veroorzaakte deze gigantische explosie ? Wat voor soort energie richtte deze verwoestingen aan ? Was het kinetische, chemische of zelfs kernenergie ?

De hypothesen omtrent de oorzaak van deze catastrofe zijn legio, maar we gaan nu proberen de meest voor de hand liggende en ook een paar onwaarschijnlijke oorzaken, nader toe te lichten.

DE MOGELIJKE ASTROFYSISCHE OORZAKEN.

Een exploderende meteoriet.

Aanvankelijk was de meteoriet of asteroïde hypothese de meest voor de hand liggende. Volgens wetenschappers komt onze planeet éénmaal om de 200 tot 1000 jaar in aanraking met een rotsblok uit de ruimte. Het raadselachtige was, dat gezien de enorme omvang van de explosie, deze meteoriet een brok steen of ijzer moest geweest zijn van minstens 30 meter doorsnede. Sommige bronnen vermelden zelfs 60 en 70 meter, maar hierover zijn de meningen ook weer verdeeld. Deze stelling kwam op losse schroeven te staan omdat er nooit een impactkrater of meteorietfragmenten werden teruggevonden. Zoals reeds aangehaald hebben zowel Kulik als andere onderzoekers ooit iets op het terrein kunnen terugvinden. De idee, als zou een meteoriet in de dampkring uit elkaar zijn gespat door verhitting met atmosferische moleculen, is beslist haalbaar als er tenminste voldoende kinetische energie werd opgewekt d.w.z. een snelheid tussen de 35000 en 250000 km per uur bij het binnenkomen van de atmosfeer. En dan nog zou deze substantie niet helemaal verdampen en moet er nog een restant overblijven. Uit ooggetuigenverslagen valt echter op te maken dat het object zich iets sneller dan het geluid had voortbewogen, dus veel geringer dan bij een meteoriet. In dit geval verdampt het object niet en slaat het op de aarde te pletter, met als gevolg een enorme krater. Tot besluit kunnen we zeggen dat een meteoriet of asteroïde inslag als oorzaak van het hele gebeuren niet voor 100 % verdedigbaar is. Ter informatie hier een foto van de asteroïde Mathilde gemaakt in 1997.

Een exploderende komeet of een fragment ervan.

Kometen, in tegenstelling tot meteorieten en asteroïden, bestaan uit gruis en stof bijeengehouden door ijs van water, methaan en ammoniak. Als een komeet of een fragment ervan in de aardatmosfeer terecht komt worden de meeste bestanddelen verdampt. Dit zou verklaren waarom er op het terrein niets werd teruggevonden. Ook de staart van de komeet die bestaat uit kosmische stofdeeltjes, zou verantwoordelijk kunnen zijn voor de vreemde lichtverschijnselen in de nachten na de explosie. De Russische geoloog E. Kolesnikov heeft in turflagen die dateren uit de tijd van de explosie een grote hoeveelheid iridium gevonden, een zeldzaam metaal dat op aarde nauwelijks voorkomt, maar naar schatting in overvloed aanwezig is in de ruimte. Een computersimulatie uitgevoerd door het Sandia National Laboratory in de V.S. heeft aangetoond dat, v.b. een komeetfragment of kleine asteroïde dat in de atmosfeer ontploft, verwoestender kan zijn dan een daadwerkelijke inslag. Al deze elementen ondersteunen de komeet hypothese, die bij de meeste wetenschappers ook de beste papieren heeft, maar doorslaggevend bewijsmateriaal is dit nog altijd niet. Hier een foto van de Hale-Bopp komeet die in het jaar 1997 makkelijk zichtbaar was met het blote oog.

Innihilatie van een brok antimaterie.

Deze stelling komt op het volgende neer :

Die bewuste morgen bij Toengoeska is een brok antimaterie de atmosfeer binnengedrongen en dit had als gevolg, innihilatie, een enorme dreun en het vrijkomen van stralingsenergie. Om dit goed te begrijpen doen we een beroep op een beetje natuurkunde. Bij het ontstaan van ruimte en tijd met de “big bang” zou er evenveel materie als antimaterie geproduceerd zijn, en deze twee zouden elkaar hebben moeten vernietigen door innihilatie. De materie heeft het dan gehaald van de antimaterie en er is voldoende materie overgebleven zodat het ons bekende heelal is kunnen ontstaan. Antimaterie heeft een electrische lading die tegengesteld is aan die van materie. Elk elementair deeltje bezit een uit antimaterie bestaande partner. Wanneer materie en antimaterie met elkaar in aanraking komen, treedt er een innihilatieproces op d.w.z. dat materie en antimaterie elkaar beide vernietigen. Bij dit proces komt energie vrij dat wordt uitgestraald in de vorm van licht. Hier een afbeelding van een innihilatieproces.

Men schat dat een gram materie met een gram antimaterie, bij volledige innihilatie, een verbrandingsenergie zou opleveren van ongeveer 30.000 vaten ruwe olie. Volgens sommige natuurkundigen is antimaterie erg zeldzaam, maar volgens anderen toch niet zo uitzonderlijk en is het mogelijk dat er in ons heelal sterrenstelsels voorkomen die volledig zijn opgebouwd uit antimaterie. Deze hypothese bevat veel elementen die de Toengoeska catastrofe zouden kunnen verklaren, maar de meeste wetenschappers zijn van oordeel dat antimaterie in het ons bekende deel van het universum helemaal niet voorkomt. Ook hier bestaan dus twijfels omtrent de haalbaarheid van deze stelling.

Een mini zwart gat.

De zogenaamde stellaire gaten in het heelal onstaan bij de dood van uitzonderlijk grote sterren en hebben een massa van enkele zonnen. De omstandigheden in een zwart gat zijn zo extreem dat ze met de conventionele natuurkunde niet te beschrijven zijn. Het zwaartekrachtveld in een zwart gat is zo krachtig dat zowel materie als licht er niet aan kunnen ontsnappen. Er bestaat een theorie die stelt dat er in de ruimte ook veel kleinere zwarte gaten zouden bestaan die gevormd werden bij de geboorte van het universum (big-bang of oerknal). Als zo’n mini-zwart gat met v.b. een diameter van een tennis of golfbal in de aardatmosfeer zou terechtkomen zou dit de Toengoeska effecten hebben kunnen teweegbrengen. Er zou dan mogelijk kinetische en stralingsenergie vrijkomen, maar dit is louter speculatief. Theoretisch zou een mini-zwart gat dwars door de aarde schieten en er aan de andere kant weer uitkomen. Er is echter destijds geen enkele waarneming gedaan bij een eventueel uittredingspunt dat ergens in de Atlantische Oceaan moet gezocht worden. Dit in de veronderstelling dat zo’n mini-zwart gat het sinds de oerknal overleefd heeft. Deze oer-zwarte gaten geven straling af en men neemt aan dat ze daarbij ook stilaan hun massa verliezen. Het bestaan van deze oer-zwarte gaten of “primordial black holes” is nog steeds niet helemaal bewezen en blijft een hypothetisch gegeven. Overtuigend bewijsmateriaal voor de gebeurtenissen bij Toengoeska is dit dus ook weer niet. Hier een artistieke impressie van een zwart gat.

EEN MOGELIJKE GEOFYSISCHE OORZAAK.

Methaan of moerasgas heeft een geologische oorsprong en is ontstaan uit vergane resten van organisch materiaal. Vooral in sedimenten op de oceaanbodems en in permafrostgebieden zoals bij Toengoeska, bestaan hele grote methaanvoorraden. De Duitse astrofysicus Dr. Wolfgang Kundt is er van overtuigd dat deze ramp werd veroorzaakt door de ontsnapping van 10 miljoen ton methaangas. Naar zijn mening is deze enorme hoeveelheid gas snel vrijgekomen en ontploft. Dit methaangas dat onder het permafrost zit staat vaak onder hoge druk door de dikke ijslaag, zoals methaan op de zeebodem onder enorme waterdruk staat. In aanraking met water kan er dan methaanhydraat ontstaan. Door een kleine verstoring v.b. beweging in de grondlagen, kunnen deze gashydraten uiteenvallen in water en methaangas dat ontsnapt en makkelijk ontvlambaar is. Een lokale ontploffing van dit gas zou dan een kettingreactie hebben teweeggebracht. Iets dergelijks heeft zich ook al eens in Noorwegen voorgedaan. Zo’n 7 à 8000 jaar geleden veroorzaakte  een zeer krachtige explosie van methaangas voor de Noorse kust een enorme aardverschuiving. Dit kan gebeuren als de druk van het methaangas groter wordt dan de druk van het zeewater erboven. Dan ontstaat een explosie waarbij methaangasbellen naar het wateroppervlak stijgen. Deze hypothese zou een redelijke verklaring kunnen zijn voor het aantal explosies, de drukgolf en de daaropvolgende hittestraling, maar verklaart niet alle fenomenen die vóór de explosie en achteraf werden waargenomen. Op de foto’s een permafrostgebied in Siberië en brandend methaanhydraat.

 

MOGELIJKE EXOTISCHE OORZAKEN.

Een fotonenbundel (fotonen zijn massaloze lichtdeeltjes).

Deze hypothese gaat als volgt :

Een buitenaardse civilisatie, op hetzelfde technologische niveau als het onze of verder gevorderd, zou bezig zijn de omliggende zonnestelsels te verkennen door middel van gebundelde lichtstralen met behulp van lasertechnologie. Op de foto een artistieke voorstelling van zo’n straal.

Dr. Marina Popovitsj ook bijgenaamd “Lady Mig” piloot en kolonel in de toenmalige Sovjetrussische luchtmacht, en auteur van het boek “Het Sovjet Dossier UFO”, haalt deze stelling aan in een hoofdstuk over het Toengoeska fenomeen. Als de straal zeer gebundeld en energierijk zou zijn, zou in de atmosfeer voldoende energie kunnen vrijkomen om het Toengoeska effect te veroorzaken. Bij botsing tussen de fotonenstraal en de atmosfeer zou heet plasma ontstaan met als gevolg de vorming van een enorme bolbliksem (200 à 300 meter). Bij de explosie ervan zou dan energie vrijkomen die overeenkomt met de gigantische explosieve kracht van het Toengoeska gebeuren. Dit scenario lijkt misschien iets te ver gegrepen maar is toch niet geheel onmogelijk. Men veronderstelt dat van de 100 vaste sterren die zich het dichts bij onze zon bevinden er 43 over planeten beschikken, waarop vormen van leven zouden kunnen bestaan vergelijkbaar met dat op onze planeet.

De dodende Tesla straal.

Deze hypothese is eigenlijk al te gek en heeft te maken met een vermeend experiment van de Amerikaans-Servische uitvinder en natuurkundige Nikola Tesla. Tesla experimenteerde vooral met electriciteit en het draadloos overbrengen van energie. Er gaat nu een verhaal dat hij werkte aan een “dodende straal” die op grote afstand objecten kon doen vernietigen. Om deze experimenten uitvoerbaar te maken had hij zelfs een labo met toren laten bouwen op Long Island (New York) genaamd Wardenclyffe. Bij de uitvoering van zijn experiment zou hij de straal op een gebied nabij de Noordpool gericht hebben. Dit mislukte echter en in plaats van het pakijs in de Noordelijke IJszee, trof hij het gebied bij Toengoeska in Siberië. Alhoewel N. Tesla een briljant uitvinder was en veel heeft verwezenlijkt, moeten we ook deze hypothese met een flinke korrel zout nemen. Op foto N. Tesla met de Wardenclyffe toren.

De UFO hypothese.

UFO betekent in het Engels “unidentified flying object” of “niet geïdentificeerd vliegend object” in het Nederlands. Een niet geïdentificeerd ruimtetuig van waar ook afkomstig en aangedreven door een nucleaire motor of motoren, geraakt in moeilijkheden, stort neer en explodeert in het Toengoeska gebied. Dit is in essentie het verhaal achter deze hypothese. Hier een artistieke impressie van zo’n ruimtetuig.

Een exploderend buitenaards ruimtetuig lijkt op zich een krankzinnig idee, dat recht uit een science-fiction verhaal komt. Maar dat was het ook ! In januari 1946 publiceerde de Sovjetrussische auteur A. Kasantsev een op science-fiction gebaseerd kortverhaal “De Explosie” genaamd, waarin hij een buitenaards ruimtetuig aangedreven door nucleaire motoren, laat neerstorten in de Taïga van Siberië.  Kasantsev’s verhaal zeilde echter de wetenschap binnen omwille van het feit dat twee Sovjet natuurkundigen Aleksej Zolotov en Feliks Zigel, deze ruimteschip “crash” in alle ernst overnamen, als mogelijke oorzaak van het Toengoeska gebeuren. Zolotov en Zigel waren zeker niet de eerste de besten. A. Zolotov was een Sovjet geofysicus en werd later hoogleraar gespecialiseerd in explosies en een authoriteit op het gebied van het Toengoeska onderzoek. Hieronder een foto van Zolotov.

Dr. Feliks Zigel werd professor in de wis- en sterrenkunde en docent aan het Moskouse Luchtvaartinstituut. Hij wordt ook de vader van de Russische Ufologie genoemd. Hieronder een foto van Zigel (niet erg scherp).

Uiteraard werd deze benadering in het wetenschappelijk milieu niet gunstig onthaald en zelfs weggelachen. De voorstanders van het ruimteschip scenario gingen ervan uit dat het bewuste ruimtetuig in het luchtruim is ontploft en een kernreactie heeft veroorzaakt. Deze twee wetenschappers en zeker Feliks Zigel wilden vooral het nucleaire aspect van heel het gebeuren benadrukken.

Ten einde het beëindigen van de oorlog in de Pacific te bespoedigen, hadden de Amerikanen in augustus 1945 op de Japanse steden Hiroshima en Nagasaki een atoombom laten exploderen. Opmerkelijk was dat bepaalde verschijnselen die optraden bij deze kernexplosies, o.a. het verblindende licht, de sterke hittestraling en de enorme kracht, sterk overeenkwamen met die van de Toengoeska explosie. Luchtfoto’s genomen na de tweede wereldoorlog van enerzijds het Toengoeska gebied en anderzijds dat van Hiroshima en Nagasaki, vertoonden een verbluffende gelijkenis. Ook de versnelde plantengroei in het gebied, de vreemde aandoeningen bij sommige dieren en de verstoring van het aardmagnetisch veld zouden op  een kernexplosie kunnen wijzen.

Dr.M. Popovitsj vermeldt in haar boek “Het Sovjet Dossier UFO” dat aanvankelijk noch in de bodem noch in het hout van de afgestorven bomen een verhoogde radioactiviteit werd geconstateerd. Dit werd tegengesproken door een groep Sovjetrussische wetenschappers onder leiding van de reeds vernoemde geofysicus A. Zolotov die zich concentreerden op bomen die de catastrofe hadden overleefd. In de jaarringen van na 1908 werd een duidelijke toename van radioactieve isotopen vastgesteld. Ook de auteurs van het boek “Challenge to Science”  Jacques en Janine Vallee, vermelden dat twee Amerikaanse wetenschappers Libby en Cowan dezelfde ontdekking hebben gedaan bij het analyseren van oude bomen nabij de stad Tucson in de staat Arizona.

Zowel het atoom als de kernsplitsing waren in 1908 nog niet ontdekt en een natuurlijk proces dat op de aarde kernsplitsing veroorzaakt is tot nu toe onbekend. Dit pleit in het voordeel van deze stelling. Ook werden er op twee locaties in Rusland merkwaardige vondsten gedaan. In 1976 vonden arbeiders aan de oever van de rivier Vjatka (een zijrivier van de Kama in N.O. Europees Rusland) een glimmend brok metaal, de grootte van een vuist. Na nauwgezet precisieonderzoek door verschillende wetenschappelijke instituten in de toenmalige Sovjetunie, bleek dit stuk een legering te zijn van zeven zeldzame aardmetalen. Volgens experten komt in de natuur nooit een dergelijke combinatie voor en is men er nog steeds niet uit hoe dit fragment vervaardigd werd en waar het vandaan kwam. De tot nu toe laatste expeditie op 24 juli 2008 geleid door Yuri Labvin, hoofd van de  ”Siberian Public State Foundation”, hebben een groot metaalachtig blok gevonden met een gewicht van ongev. 50 kg. Dit meldde de Russische krant Pravda. Een voorlopige analyse in een labo in Krasnoyarsk heeft aangetoond dat het object is samengesteld uit ijzer en een nog onbekend materiaal. Tot hier toe is geen verdere informatie voorhanden.

Deze UFO hypothese, hoewel zeer controversieel, moeten we toch een kans geven en er zeker niet te lichtzinnig aan voorbijgaan.

De Amerikaan wijlen Carl Sagan (zie foto hierboven), toch een gereputeerd astronoom, haalt in zijn boek “Cosmos” eveneens het Toengoeska mysterie aan en oppert de mogelijkheid (en ik citeer) : dat een ruimtevaartuig van de een of andere, onwaarschijnlijk vergevorderde civilisatie, pech heeft gekregen en is neergestort in een afgelegen gebied van een onbekende planeet (einde citaat). Men moet zich realiseren dat niet geïdentificeerde objecten al heel lang in ons luchtruim worden waargenomen, zelfs vóór de moderne UFO periode die een aanvang nam in 1947 met de waarneming van Kenneth Arnold en de beruchte Roswell affaire. (meer informatie hierover kan men op het internet terugvinden ). De Franse astronoom en befaamd UFO onderzoeker Jacques Vallee vermeldt in zijn boek “Anatomy of a Phenomenon” dat in de periode 1900 tot en met 1946, niet minder dan 107 waarnemingen werden gedaan van niet geïdentificeerde objecten in het luchtruim, op de oceanen en op de grond. Dit zijn dan  de gerapporteerde gevallen die in de pers verschenen. Men mag aannemen dat in werklijkheid het aantal waarnemingen veel hoger ligt.

Specifiek voor het jaar 1908, dus het jaar van de Toengoeska Event, werden er waarnemingen gedaan van vreemde lichten en objecten in de buurt van Seattle, Bridgewater en Tacoma in de Verenigde Staten. Ook op verschillende locaties in Denemarken werden er in dat jaar een aantal ongewone objecten en luchtverschijnselen gerapporteerd. Aldus het relaas van auteur en randwetenschapper Theo Paijmans in zijn boek “Kosmisch Netwerk”. Alhoewel de UFO hypothese nog steeds een behoorlijk aantal aanhangers heeft in de het huidige Rusland en er een stevige pro-argumentatie voorhanden is, moeten we toch conluderen dat voorlopig nog onvoldoende bewijsmateriaal beschikbaar is en dat verder onderzoek zich opdringt.

BESLUIT.

Deze catastrofe toont duidelijk aan dat onze planeet niet zo veilig is als we op het eerste zicht denken, en we moeten ervan uitgaan dat een gelijkaardig fenomeen zich in de toekomst opnieuw kan voordoen. De Toengoeska Event vond plaats in een zeer uitgestrekt en afgelegen gebied van onze planeet, maar als dit elders zou gebeuren v.b. in een dichtbevolkt gebied, zijn de gevolgen niet te overzien en kunnen er duizenden tot een paar miljoen slachtoffers vallen. Hoopgevend is echter dat de technologie niet stilstaat en dat het mogelijk moet zijn dat we in de toekomst dergelijke fenomenen, althans van astrofysische en geofysische origine, tijdig zullen kunnen detecteren.

We kunnen stellen dat ruim een eeuw na deze gebeurtenis er nog steeds geen helder omlijnde oplossing is gevonden voor dit mysterie. Verder onderzoek zal ofwel de definitieve oplossing brengen of mogelijk nog meer vragen oproepen.

Tot slot een interessante YouTube video opname van een vijftal minuten met originele beelden van de eerste expedities met commentaren van enkele vooraanstaande wetenschappers.

 

Bronnen :

Literatuur : reeds vermeld in artikel.

Websites :

http://www.xs4all.nl - http://www.hetgebeurthier.nl  – http://home.hetnet.nlhttp://www.loraco.nlhttp://space.nieuwslog.nlhttp://frontpage.fok.nl

http://www.spacepage.behttp://www.kanaal-13.nl .

De internet encyclopedie wikipedia.

 

 Een mooie opname van de Siberische Taïga.

 aliens8

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.